Meer ruimte voor derivaten

De financiële divisies van het Europese bedrijfsleven kunnen de champagne ontkurken. Na veel gelobby hebben ze een vrijstelling verkregen van de nieuwe regels van de Europese Commissie die verplicht stellen dat de derivatenhandel volledig via centrale vereffenaars moet geschieden. Het besluit kan er echter toe leiden dat ondernemingen te grote risico’s nemen en een bedreiging voor het financiële systeem vormen.

De G20-landen zijn vorig jaar juist overeengekomen dat alle derivatentransacties, indien mogelijk, via zogenoemde clearing houses moeten verlopen. De achterliggende gedachte was dat op die manier het risico zou worden gespreid, waardoor de kans kleiner wordt dat het tekortschieten van één enkele grote partij het hele financiële systeem kan meesleuren.

Dit plan leidde tot grote woede bij bedrijven, die bepaalde derivaten gebruiken om zich in te dekken tegen kortetermijnbewegingen op de valuta- en grondstoffenmarkten. Het gebruik van clearing houses zou ze ertoe dwingen onderpand in te brengen, waarmee kostbaar kapitaal is gemoeid.

De financiële afdelingen van bedrijven betogen dat dit soort derivaten wordt gebruikt voor legitieme doeleinden en niet voor speculatie, en dat ze niet hebben bijgedragen aan de kredietcrisis. Bovendien hebben Amerikaanse bedrijven al een vrijstelling van de nieuwe regels verkregen.

Niettemin kan een speciale behandeling voor bedrijven de markten ontwrichten. Speculanten kunnen niet-bancaire entiteiten oprichten om de regels te omzeilen, waardoor banken mogelijk met verliezen blijven zitten als transacties verkeerd aflopen.

Het plan van de Europese Unie probeert deze valkuil te vermijden door de vrijstelling voor bedrijven te beperken. Als de omvang van de kwetsbaarheid van een bedrijf een nog vast te stellen drempelwaarde overstijgt, moet dat bedrijf al zijn transacties alsnog vereffenen.

De vrijstelling moet ondernemingen ervan weerhouden hevig te gaan speculeren, maar ze tevens in de gelegenheid stellen hun bedrijfsrisico’s af te dekken. Toch zou er nog steeds ruimte zijn voor arbitrage (een vorm van speculatie), als de uiteindelijke regels, die spoedig zullen worden vastgesteld door de nog op te richten European Securities Markets Authority, niet nauwkeurig genoeg worden geformuleerd.

Het onderscheid maken tussen legitieme en speculatieve transacties kan ook lastig zijn. Het wetsontwerp geeft bedrijven speelruimte door niet de strikte accountants definities toe te passen.

De drempel moet een bedrijf ervan weerhouden een grote kwetsbaarheid op te bouwen in één bepaalde derivatenklasse. Maar zoals het ontwerp er nu uitziet, kan het niet voorkomen dat een bedrijf een hele reeks speculatieve posities inneemt, die het bij elkaar alsnog tot een belangrijke marktpartij maken.

Brussel probeert het midden te houden tussen het verzekeren van de financiële stabiliteit en het vermijden dat bedrijven daar te veel voor moeten betalen. Het gevaar is dat zo de kiem word gelegd voor toekomstige problemen.

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen: www.breakingviews.com