Kind zijn in de knusse buurt van Upper West Side

Rebecca Stead: Als je terugkomt. Vert. uit Engels door Jenny de Jonge Querido, 200 blz. €14,95, 10+

De boekenkinderen van Guus Kuijer en Martha Heesen hebben achternichten en -neven in New York, zo blijkt. Want met haar in Amerika bekroonde kinderboek Als je terugkomt bewijst Rebecca Stead een van die zeldzame auteurs te zijn die net als haar Nederlandse collega’s met haar hele ziel en zaligheid in het hoofd van een 10-jarige kan kruipen.

In Als je terugkomt – een knappe combinatie van een mysterie en een filmisch huis-tuin-en-keukenverhaal in de grote stad eind jaren zeventig – is dat het hoofd van Miranda die met haar alleenstaande moeder in een rommelig appartement in de Upper West Side woont. In die dorpse gemeenschap is Miranda met haar buurjongen en tot voor kort beste vriendje Sal, opgegroeid. Daar gaat ze naar school, gewoon lopend. Daar is Jimmy’s broodjeszaak, waar ze tijdens lunchtijd naartoe vlucht om Jimmy een handje te helpen. En daar woont ook Marcus, een beetje onzichtbare jongen die Sal – in bijzijn van Miranda – een bloedneus sloeg, die alles van Einstein afweet en met Miranda de liefde voor het sciencefictionboek A Wrinkle in Time (1962) deelt: een Amerikaanse klassieker van Madeleine L’Engle over de 12-jarige Meg die door tijd- en ruimtereizen zoekt naar haar vermiste vader.

Heel vernuftig verweeft Stead dit boek met het verhaal van Miranda. De laatste overkomt wat de essentie van L’Engles boek is: zij ontvangt drie geheimzinnige anonieme briefjes die de plot voorstuwen door in vage bewoordingen te voorspellen wat in haar nabije toekomst gaat gebeuren. Bovendien, en dat is een mooi gegeven, biedt A Wrinkle in Time Miranda houvast. Onder het motto van Einstein dat logisch denken slechts een denkgewoonte is die veelal alleen maar in de weg zit, raakt Miranda ervan overtuigd dat de mens kan tijdreizen. Dat idee helpt Miranda ingrijpende gebeurtenissen, zoals het begin, einde en nieuwe begin van de vriendschap met Sal en de tragische dood van een van Steads personages, een plaats te geven. in haar elfjarige meisjesleven. Gelukkig heeft Stead Miranda een heerlijk menselijke moeder gegeven, die licht chaotisch en druk bezig is met haar baan en die ‘bang is om stappen te nemen’ in haar relatie met de perfect lijkende Richard. Stead ziet er op toe dat ieder woord op de juiste plaats staat en dat iedere terloopse zin betekenis draagt. De alerte lezer zal de humorvolle dialogen niet ontgaan en zal met enige moeite Miranda’s verloren huissleutel en Richards vermiste werkschoenen terugvinden en zo de anonieme briefjesschrijver wellicht ontmaskeren, zich realiserend dat toeval, tijd en boeken een grote, zo niet allesbepalende rol in het leven spelen.