Jury's negeren apolitieke Toneelgroep Amsterdam

Ivo van Hoves Toneelgroep Amsterdam, het grootste en beste theatergezelschap van het land, draaide het zoveelste topseizoen op rij; veel succesrijke voorstellingen in het buitenland, nieuwe bezoekersrecords in eigen stad, Hedda Gabler raakte uitverkocht doordat Jacob Derwig en Halina Reijn plots en vogue raakten door tv-serie In therapie.

Maar voor het Theaterfestival werd de groep niet geselecteerd. En bij de uitreiking van de toneelprijzen zondag stond de groep met lege handen. Slechts één nominatie kon eraf, en die werd niet verzilverd. En o ja, gastregisseur Joachim Robbrecht kreeg de Scheve Schaats, een afzeikprijs voor ‘de grootste tegenvaller’ van het seizoen, Rashomon Effect. Vorig jaar werd de groep ook genegeerd. In 2008 won de groep juist ongeveer alle prijzen die er waren.

Het grootste gezelschap werd de grootste verliezer. Ligt dat aan de groep? Ook. De successen in binnen- en buitenland betroffen de veelvuldige hernemingen van oude hits; overigens een lovenswaardig beleid van de groep. Nieuw werk, Teorema, Zomertrilogie, La grande bouffe, viel tegen of beklijfde niet. Eigenlijk was het dus helemaal geen topseizoen voor de groep. Alleen Ubu was sterk, afgezien van het saaie laatste bedrijf.

Misschien wilden de jury’s de groep afstraffen voor de rij missers. De grootste wordt strenger beoordeeld. Misschien hebben ze even genoeg van het Ajax van Theaterland. Misschien hebben de jury’s iets tegen de grote speelstijl, tegen de dominante, strenge esthetiek van vormgever Jan Versweyveld. Misschien hebben ze genoeg van de vele toneelbewerkingen van filmklassiekers.

Dan nog is het vreemd dat de geweldige acteurs worden genegeerd. Die zijn niet opeens slecht geworden. La voix humaine, de monoloog van Halina Reijn over de laatste avond van een verlaten vrouw, had geselecteerd moeten worden en de actrice had een Theo d’Or moeten krijgen. Of anders Karina Smulders wel, voor haar hoofdrol in Zomergasten. Of Fedja van Huêt. Nog nooit genomineerd!

Theatermaker Joan Nederlof – nota bene schepper van luchtige komedies met effectieve mediabespeling – opende het festival met een streng pleidooi voor moraliserend theater. Het Theaterfestival toonde vooral geëngageerd theater over actuele kwesties. De mode schrijft theater voor dat maatschappelijk nut lijkt te hebben. Theater dat zich uitspreekt. Misschien ligt daar het probleem voor Toneelgroep Amsterdam: Ivo van Hove is een apolitieke regisseur. Bij ieder stuk kan hij op aanvraag best een betoog leveren over de actuele betekenis ervan, maar daar ligt niet de kracht van zijn werk. Van Hove en Versweyveld leven voor de esthetiek, théâtre pour théâtre. Prijzenswaardig, maar je wint er geen prijzen mee.

Wilfred Takken