Tea Party op oorlogspad

Sarah Palin en de Tea Party krijgen de Republikeinen steeds meer in hun greep.

Het Republikeinse establishment staat perplex na O’Donnells overwinning.

En opnieuw liet een Tea Party-kandidaat het Republikeinse establishment perplex achter. Christine O’Donnell (41), beschuldigd van fraude en bekend van extreme opvattingen over seksuele onthouding, won gisternacht de Republikeinse nominatie voor een senaatszetel voor Delaware. Haar voornaamste verworvenheid: ze had de steun van Sarah Palin.

Het is de zoveelste Tea Party-overwinning in Amerika’s oppositiepartij en het illustreert de fundamentele verandering die zich binnen de Republikeinen voltrekt. Het establishment heeft afgedaan, Sarah Palin zet de toon en de radicalen zijn aan zet. De zege past in een trend die weinig goeds belooft voor de bestuurbaarheid van de VS. In de Republikeinse voorverkiezingen, die nu vrijwel achter de rug zijn, werden vooral Republikeinen verslagen die recentelijk met Democraten samenwerkten. Gisteren kwam Delaware daar bij en het betekent dat president Obama na november, als de Grand Ol’ Party (GOP) vrijwel zeker zetels wint, te maken krijgt met nog meer Republikeinen die geen enkele motivatie hebben met hem samen te werken.

Delaware is een naar Amerikaanse maatstaven vooruitstrevende staat. De zetel die O’Donnell in november wil bemachtigen werd 36 jaar bezet door vicepresident Joe Biden. Om toch een kans op de overwinning te maken schoof het Republikeinse partijapparaat dit voorjaar een gematigd Congreslid naar voren, Mike Castle, die geregeld voor Obama’s plannen stemt. Daarmee leken de voorverkiezingen beslist – totdat Palin intervenieerde.

Het partijestablishment kon zijn verbazing amper verbergen. De GOP ziet kansen in november de Senaat te heroveren (Republikeinen hebben nu 41 van de 100 zetels), maar absolute voorwaarde is dat de GOP dan ook in Delaware zou winnen.

En volgens de inschatting van de Republikeinen was Christine O’Donnell te conservatief en niet coherent genoeg om een kans te maken. Zo lobbyde ze in het verleden voor evangelicals en zei in een interview op MTV dat het voor tieners niet genoeg is zich te onthouden van seks met hun vriend of vriendin. Om een „kuis” leven te hebben is het nodig, zei O’Donnell, tot de volwassenheid ook af te zien van masturbatie. Tegen deze achtergrond deed het partijestablishment er alles aan om een zege van Christine O’Donnell te beletten.

Het ene ongemakkelijke bericht na het andere over O’Donnell lekte uit. Ze bleek geen baan te hebben, had jarenlang haar rekeningen niet betaald, was wegens hypotheekschuld haar huis uitgezet. Ze claimde ten onrechte dat ze had gestudeerd aan Princeton. Dinsdag stuurde haar partij zelfs een bericht uit van haar oud-campagnemanager die O’Donnell een „volstrekte bedrieger” noemde. Een vrouw die alleen in de politiek zit „om geld te verdienen”.

Uiteraard waren niet alle Republikeinen gisternacht gelukkig. Karl Rove, oud-strateeg van Bush, zei chagrijnig dat zijn partij nu de kans heeft verspeeld de meerderheid in de Senaat te heroveren. Democraten kunnen O’Donnell moeiteloos afschilderen als mesjokke, zei hij op FoxNews. „Ze heeft een heleboel krankzinnige dingen gezegd die domweg niet kloppen.” Maar het electoraat is grillig. In het voorjaar sprongen Democraten een gat in de lucht toen Republikeinen in Nevada een libertaire diehard nomineerden, Sharon Angle, die eerder zinspeelde op gewapend verzet tegen de federale regering.

Tegen zo’n radicaal kon Harry Reid, de impopulaire leider van Democraten in de Senaat, in november onmogelijk verliezen, redeneerden ze. Maar intussen heeft Reid in de peilingen van Nevada nog altijd geen voorsprong genomen. Het gevolg is dat Democraten er nu binnenskamers rekening mee houden dat ook hij kan verliezen: wat drie maanden geleden ondenkbaar leek is nu realiteit. Dat is, tot nu toe, het verhaal van het politieke jaar 2010.