Wanneer heeft een stad eigenlijk stadsrechten?

Wanneer heeft een stad stadsrechten? Wat houden deze rechten in en waarop zijn ze gebaseerd? En als een stad met stadsrechten opgaat in een nieuwe gemeente, krijgt die dan vanzelf ook de stadsrechten? Deze vragen mailde Gérard van Oyen uit Panningen.

Eigenlijk is het heel vreemd: het Noord-Hollandse Hem, een dorpje met 1.220 inwoners heeft stadsrechten en Almere, dat met 188.209 inwoners hard op weg is om de vierde stad van Nederland te worden, niet.

„Dat komt omdat stadsrechten een middeleeuws fenomeen zijn”, zegt Joost Cox, gemeentesecretaris van Alkmaar die in 2005 het boek Repertorium van de stadsrechten in Nederland publiceerde, een soort wetenschappelijke encyclopedie van stadsrechten. „In de landsheerlijke tijd (grofweg 1000 tot 1500 na Christus) verleenden landsheren (graven, hertogen en bisschoppen) bijzondere rechten en privileges aan bepaalde plaatsen. Ze kregen het recht om zichzelf te besturen, en zelf de rechtspraak uit te oefenen en een stadsmuur te bouwen. Ook kregen ze economische privileges zoals het houden van een markt, het voeren van een munt en het heffen van tol.”

Stavoren was in 1068 de eerste Nederlandse stad die stadsrechten kreeg en Willemstad in 1586 de laatste. In totaal kregen ruim 190 plaatsen in het huidige Nederland stadsrechten.

De redenen voor het verlenen van stadsrechten waren simpel, zegt Cox. „De dorpen of steden hadden een gunstige ligging aan wegen of waterwegen, waardoor ze geschikt waren om handel te drijven of ze waren van belang om strategische redenen. Met behulp van de stadsrechten konden deze steden uitgroeien tot handelscentra of militaire voorposten.”

Dit lukte overigens niet altijd. Een goed voorbeeld is Baarn, dat in 1350 stadsrechten kreeg van de bisschop van Utrecht. Die moesten van Baarn een gunstige vestigingsplaats maken. Maar tussen 1500 en 1633 daalde de bevolking van 900 naar 650.

In en na de Bataafs-Franse tijd (1795-1813) werd er nog wel een bestuurlijk onderscheid gemaakt tussen steden en dorpen. „Maar dit onderscheid verviel toen Thorbecke in 1851 de Gemeentewet invoerde”, zegt Cox. „Sindsdien is er alleen nog sprake van gemeenten.”

Als een stad met stadsrechten opgaat in een nieuwe gemeente, gaan die rechten niet over op de nieuwe situatie, zegt Cox. „De stadsrechten blijven bij de oude kern.”

„Dat Almere zichzelf toch een stad noemt, ach dat is een kwestie van gevoel. Met zoveel inwoners is het lastig om van een dorp te spreken.”

Toon Beemsterboer