Verzengende pijn in de grote teen

Jicht krijg je niet van rode wijn of rood vlees. Huisarts Hein Janssens rekent in zijn proefschrift over jicht met veel misverstanden af.

Jicht? Dan zit er vorst in de lucht. Of: dan kun je maar beter geen rode wijn drinken of rood vlees eten. Fabels, zegt huisarts Hein Janssens, die gisteren aan de Radboud Universiteit Nijmegen promoveerde op een proefschrift over jicht. „Zo’n bekend ziektebeeld, en toch is er verschrikkelijk weinig over bekend”, zegt hij. „Jicht komt juist vaker in de zomer en in de lente voor. En ik heb nooit harde aanwijzingen gevonden dat rode wijn of vlees op zichzelf slecht zouden zijn in verband met jicht. Tenzij er sprake is van een leefpatroon dat leidt tot een hoge bloeddruk of hart- en vaatziekten. Want die blijken wel sterk gerelateerd aan jicht.” Dat laatste is een van de nieuwe bevindingen van Janssens.

Jicht is een vorm van artritis, ofwel gewrichtsontsteking, vaak in het gewricht van de grote teen. „Jicht is een van de pijnlijkste vormen van artritis”, zegt Janssens. „Vaak worden mensen midden in de nacht wakker van pijn die zo erg is dat ze zelfs de druk van het laken niet kunnen verdragen.” Jicht komt voor bij 1 tot 2 procent van de volwassenen; acht keer vaker bij mannen dan bij vrouwen.

De aandoening ontstaat door urinezuurkristallen in het gewricht die voor een acute, hevige ontstekingsreactie zorgen. Waardoor die urinezuurkristallen precies ontstaan, is onduidelijk. Janssens: „Jichtpatiënten hebben meer urinezuur in hun bloed, maar hoe dat komt is vrijwel onbekend.”

Wellicht, vermoedt Janssens, heeft de urinezuurhuishouding te lijden onder een hoge bloeddruk of de aanwezigheid van een hartvaatziekte. Van de jichtpatiënten in zijn onderzoek had bijvoorbeeld 43 procent een hoge bloeddruk, terwijl dat in de controlegroep nog geen 20 procent was. Met name mensen met hartfalen bleken erg vaak jicht te hebben. „En het lijkt erop dat hartfalenpatiënten een slechtere prognose hebben als ze ook jicht hebben. Wellicht is de hoge bloeddruk ook daar een onderliggende factor.”

Om jicht met zekerheid vast te stellen, moet een arts het gewricht aanprikken en de gewrichtsvloeistof onder de microscoop bekijken. Dit gebeurt alleen bij een reumatoloog; 90 procent van de jichtpatiënten wordt echter door de huisarts behandeld. Janssens ontdekte dat het stellen van de juiste diagnose voor huisartsen soms lastig is. Daarom heeft hij een ‘jichtcalculator’ ontwikkeld, die uitrekent hoe groot de kans is dat de patiënt jicht heeft, op basis van onder meer de plek van de pijn, de urinezuurconcentratie in het bloed en, uiteraard, hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten. Bij jicht schrijven huisartsen meestal zogenaamde NSAID’s voor: non-steroidal anti-inflammatory drugs. Dat zijn ontstekingsremmende pijnbestrijders, zoals ibuprofen en naproxen. Ook colchicine, een eeuwenoud middel afkomstig uit het bolgewas herfsttijloos, is gangbaar. „Voor mensen met hart- en vaatziekten of een slechte nierfunctie zijn NSAID’s echter minder geschikt”, zegt Janssens, „en dat geldt dus voor veel jichtpatiënten. En colchicine geeft vaak bijwerkingen.” Met name bij reumatoïde artritis schrijven artsen vaak corticosteroïden voor, zoals prednison: een andere klasse van ontstekingsremmers. Maar voor jicht is dat niet gebruikelijk. Janssens: „Uit mijn onderzoek bleek dat een vijfdaagse prednisonkuur ook bij jicht uitstekend helpt: net zo goed als NSAID’s, en zonder die bijwerkingen. Het is opmerkelijk dat corticosteroïden nooit eerder zijn geprobeerd.”

En dat die relatie met hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten zo weinig aandacht krijgt. Voor specialisten, zo vermoedt hij, is het moeilijker verband te leggen tussen jicht en andere aandoeningen. „In de huisartsenpraktijk ligt dat anders”, zegt Janssens, die zelf al 25 jaar huisarts is. „Wij volgen onze hart- en vaatpatiënten op de voet, en krijgen dus sneller dergelijke verbanden in beeld.”

Veel mensen met hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten krijgen zogenaamde plaspillen voorgeschreven. Die werken vochtafdrijvend. In de bijsluiter staat dat je die pillen niet moet gebruiken als je jicht hebt. Klopt niet, zegt Janssens. „Jicht zou verergeren door de plaspillen, maar dat is onzin. Het is net als wanneer je zegt: bij een brand zijn altijd veel brandweerlieden aanwezig, dus die brandweerlieden zullen de brand wel veroorzaakt hebben. Nee: de relatie tussen jicht en plaspillen loopt via de hoge bloeddruk en de hart- en vaatziekten.” Jichtpatiënten kunnen die pillen gerust gebruiken, concludeert Janssens.

Zijn voornaamste boodschap aan collega-huisartsen: als er een patiënt met jicht komt, controleer dan meteen even de risicofactoren voor hart- en vaatziekten, waaronder de bloeddruk. En doe daar zo nodig wat aan. „Vroeger zei men wel: jicht is een welvaartsziekte: ‘de rijken krijgen jicht, de armen krijgen de pest’. En bij de rijken schreef men die jicht dan toe aan het vele lekkere eten en drinken. Maar misschien hadden die rijken ook wel vaker een hoge bloeddruk of hart- en vaatziekten.”

Jichtcalculator: www.umcn.nl/goutcalc