Rechtse journalistiek

In vroeger jaren klonk bij de AVRO en de TROS een onvervalst rechts geluid. Je had Wibo van der Linde, die achtereenvolgens bij beide omroepen het actualiteitengezicht was. Het was de tijd dat ex-VARA-coryfee Wim Bosboom bij de TROS het standpunt van de ‘zwijgende meerderheid’ vertolkte en mr G.B.J. Hiltermann ‘de toestand in de wereld’ verklaarde. Maar het conservatief-liberale gedachtengoed waarvoor deze omroepen pal stonden, maakte plaats voor het Nederlandse lied (TROS) en de musical (AVRO). Vandaar dat twee nieuwkomers in het omroeppolitieke vacuüm stapten – en minister Plasterk (OCW) van hun noodzakelijkheid overtuigden.

Telegraaf-dochter WNL, sinds vorige week samen met PowNed aspirant-omroep, constateert in haar beleidsplan dat de conservatief-liberale Nederlander een omroep wil met „rechts profiel”, uitgedragen in „heldere opinies en reportages”. Daartoe wil de omroep „het fenomeen van de Nederlandse tv-commentator” nieuw leven inblazen. De keuze viel op Hans Wiegel, die al politiek bedreef toen de CDA-mastodonten nog in de schoolbanken zaten. Wiegel heeft ondertussen overal zijn mening over de kabinetsformatie rondgebazuind, behalve bij WNL.

Wat deze omroep aan de beloofde conservatief-liberale standpunten liet horen, werd keurig geneutraliseerd door genodigden van andere politieke stromingen. Conservatieven genoeg, zou je zeggen. Waar de van hun geloof gevallen omroepen destijds voor rechts commentaar te rade gingen bij ridder Van Rappard, Prosper Ego of boer Koekoek, zou je nu het conservatieve geluid kunnen halen bij de PVV, de Edmund Burke Stichting of nationalistische splinterpartijen. Maar niks daarvan; WNL onderscheidt zich in genuanceerdheid amper van de andere omroepen.

Zondagmiddag hoorde ik nota bene Wibo van der Linde uitleggen waarom. „Rechtse journalistiek bestaat niet”, zei hij in een radioprogramma . „Als je een rechtse rubriek probeert te maken, kijkt binnen een paar dagen niemand meer. Nederlanders willen feiten horen; ze maken dan zelf wel uit wat ze ervan vinden.”

Was Plasterk maar bij Wibo te rade gegaan.

Tom Rooduijn