Even is de Wehrmacht terug in Bedzin

Polen zijn dol op het naspelen van de geschiedenis. De liefhebber kan in het hele land terecht. Maar het naspelen van de liquidatie van een getto gaat sommigen te ver.

In het dagelijkse leven is Adam Szydlowski ambtenaar van de burgerlijke stand in Bedzin, een slaperige mijnwerkersstad (59.000 inwoners) in het zuidwesten van Polen. Maar vandaag is hij een met doodskoppen behangen SS-officier. „Ik draag dit tenue niet met plezier, integendeel”, zegt de amateurhistoricus. „Maar iemand moet de slechteriken spelen, nietwaar?”

Even later roept hij door een microfoon instructies. „U daar, in die rolstoel, u rijdt door het decor heen, terwijl we zo gaan beginnen.” Het opaatje kijkt verschrikt op, rijdt snel langs de gevels met nazivlaggen en het bord ‘Toegang voor joden verboden’ en neemt plaats achter het lint waar zich al honderden toeschouwers hebben verzameld. De liquidatie van het getto van Bedzin, of althans het naspelen daarvan, kan beginnen.

Historische gebeurtenissen naspelen – Polen krijgen er geen genoeg van. Elke week is het wel ergens raak. Wie van ridders houdt gaat naar de Slag bij Tannenberg (1410), voor paarden en tanks moet je naar de Pools-Bolsjevistische Oorlog (1920) en het keuzemenu voor de Tweede Wereldoorlog is simpelweg oneindig. Steeds vaker worden ook kleinere, minder bekende drama’s gereconstrueerd. Elke plaatsje heeft tegenwoordig een ridderorde of partizanengroep paraat. „Mijn specialisme is de 13de eeuw”, zegt informaticus Piotr Podolski (24). Zijn zwaard heeft hij thuisgelaten, vandaag speelt hij in Bedzin een Wehrmachtsoldaat. „Ik wilde wel eens wat anders, vandaar.”

Maar nu lijkt een grens bereikt. Gazeta Wyborcza haalde vorige week uit naar het naspelen van gebeurtenissen in Bedzin, die de krant als macaber typeert. „Is het zo moeilijk te begrijpen, dat het naspelen van moorden, bloedbaden en pogroms onkies is?” Het nieuws dat in Bedzin ook als joodse kinderen verklede kleuters zouden worden ingezet, sloeg helemaal in als een bom. De krant vraagt zich af wat er nog meer in de pijplijn zit. Het naspelen van vergassingen?

Szydlowski, de drijvende kracht achter de voorstelling, is woedend over de kritiek. Hij ontkent het verhaal over de kleuters, de jongste deelnemers zijn middelbare scholieren. En ja, zijn project is allicht macaber. „Ik kan het niet mooier maken. De deportatie geschiedde niet onder groene parasols en de Duitse soldaten deelden geen snoep en bloemen uit.”

De voorstelling op het stadsplein begint. Een orthodoxe jood, een jongeman met een zwarte baard en een brede hoed, duwt een kar over straat. Opeens rent in tegengestelde richting een andere jongen. „De Duitsers komen er aan”, schreeuwt hij uit . Binnen de kortste keren buitelen tientallen Poolse scholieren met opgespelde Jodensterren over elkaar heen.

Van slechte intenties kan Szydlowski moeilijk worden beticht. Hij haalde het joodse verleden van Bedzin, waarover vijftig jaar lang nauwelijks werd gesproken, uit de taboesfeer. En zijn voorstelling draagt de zegen van de Israëlische ambassade, de lokale joodse gemeenschap en veel organisaties in Israël. „Ik had wel eens gehoord van het getto in Bedzin”, zegt Monica Jaszkiewicz, studente Poolse letterkunde. „Maar op school is er nooit veel aandacht aan besteed. Dit initiatief maakt het verleden zichtbaar.” Ze speelt vandaag een joodse vrouw. Andrzej, een 73-jarige inwoner van Bedzin met doorschijnende wangen, was vijf in 1943, toen het getto werd geliquideerd. De oorlog bracht hij door onder de rokken van zijn moeder. „Zij kon niet verhinderen dat ik toch dingen zag en hoorde”, zegt hij. „Meer dan me lief is.” Het beeld van die oude joodse vrouw die op straat van dichtbij door het hoofd werd geschoten staat op zijn netvlies gebrand. Over de voorstelling is hij positief. „Laten we eerlijk zijn: na de oorlog werd alleen om individuele joden – de buurman, de winkelier op de hoek – getreurd en alleen binnenskamers”, zegt hij. „De empathie voor de joden als groep was gering. Het is goed dat dit nu wordt rechtgezet.”

Uit een van de huizen klinken schoten van joden die, in overeenstemming met de historische feiten, verzet bieden. De Duitsers overmeesteren de opstandelingen. Wat volgt is een standrechtelijke executie, in een zijstraat, buiten beeld. De hele tijd klinkt dramatische muziek, afgewisseld door de stem van Szydlowski, die meeslepend tekst en uitleg geeft. Als iedereen in vrachtwagens is weggevoerd volgt nog één lied en daarna: doodse stilte. Het publiek aarzelt. Moet er geklapt worden of niet? Pas als Szydlowski de acteurs terugroept wordt klinkt applaus.

Na afloop krijgen vooral de Wehrmachtsoldaten veel fotoverzoekjes, een wat vreemde gewaarwording. „Tja”, verzucht informaticus Podolski. „Dat is nu eenmaal de aantrekkingskracht van uniformen.” Maar er wordt ook veel gehuild, vooral door ouderen. De oude Andrzej laat zijn tranen de vrije loop. Langs de gevel met nazivlaggen keert hij huiswaarts.