Het @penst@@rtje, w@@r komt dit teken v@nd@@n?

Waar komt het apenstaartje oorspronkelijk vandaan, vraagt Frank van der Tang uit Amsterdam zich af. En hoe wordt het leesteken in andere landen genoemd? „Vast geen monkeytail, toch?”

Wie het apenstaartje heeft bedacht en hoe het teken precies is ontstaan, dat is onbekend. Wat we wél weten is dat het @-teken in de 16de eeuw in Spanje en Portugal onder de naam ‘arroba’ dienst deed als meeteenheid voor inhoud en gewicht. En in Nederland werd het apenstaartje tijdens de 15de en 16de eeuw gebruikt om op verkorte wijze ‘anno’ te schrijven.

„Ik weet niet uit welk land het apenstaartje oorspronkelijk komt”, zegt Hans van Keken. Hij deed onderzoek naar het @-teken en schreef er in 2000 een boek over. „Ik heb er nooit bewijzen voor gevonden.”

Het is wel bekend hoe het apenstaartje in onze e-mail is terechtgekomen. De oorsprong daarvan ligt volgens Van Keken in de Verenigde Staten. Boekhouders uit de 19de eeuw gebruikten het teken al voor de aanduiding ‘at the cost of’. Oftewel: 30 flessen @ 14,95 betekende 30 flessen à 14,95. Vanuit die economische betekenis verscheen het teken in 1885 voor het eerst op een typemachine en later op toetsenborden.

De Amerikaanse computerprogrammeur Ray Tomlinson deed er in 1971 zijn voordeel mee. Hij zocht een teken dat niet in namen voorkwam en koos het apenstaartje voor het verzenden van mail. Het deel voor het @-teken stond voor de gebruiker, het deel erna voor de computer.

Het apenstaartje is waarschijnlijk een ligatuur: een versmelting van de letters ‘a’ en ‘c’, afkomstig van ‘at the cost of’. Dat staat op de website van het Genootschap Onze Taal. De vereniging voor taalliefhebbers voegt toe: het is waarschijnlijk, maar niet honderd procent zeker.

Het @-symbool heeft bijna overal een andere naam: in Denemarken noemen ze het een varkensstaart, in Finland een kattenstaart en Italië een slakkenhuisje. De Amerikanen zeggen ‘at’. En maken daar woordspelingen op, zoals @home.

Waarom zeggen wij apenstaart? De generatie die voor het eerst is gaan e-mailen is grootgebracht met aap, noot en mies, zegt Van Keken. Hij vermoedt dus dat het teken zijn naam dankt aan de prenten uit het onderwijs. Maar ook „kantoorgrapperij” sluit hij niet uit.

Het Museum of Modern Art in New York heeft het apenstaartje aan de kunstcollectie toegevoegd. Makkelijk in aanschaf: het was een gratis aankoop, want de @penst@@rt is van niemand.

Sjoerd Scholten