Solidariteit is geen abstract begrip

In zijn artikel ‘Wie populisme niet snapt, verliest het debat’ (Opiniepagina, 6 september), hekelt Bas Heijne de ‘weldenkenden’ die met afkeer reageren op het rechts-populisme. Volgens hem beroepen zij zich vergeefs op abstracte beginselen en zien zij niet in dat wie het populisme wil tegengaan „een nieuwe, aansprekende taal” zal moeten bezigen. „Minder beginselen, graag, en wat meer passie.”

Zoals Heijne terecht schrijft worden door het rechts-populisme problemen, voor zover die al niet virtueel zijn, op selectieve wijze uitvergroot, is de woordkeus hyperbolisch en is het taalgebruik dramatisch en aanvallend. Er bestaat een goed Nederlands woord hiervoor, dat Heijne niet gebruikt: demagogie. Maar hoe moet je demagogie bestrijden? Met een eigen, beginselloze, demagogie?

Heijne heeft gelijk als hij stelt dat de tegenstanders van het populisme moeten uitgaan van de realiteit, dat ze een concreet politiek alternatief moeten bieden. En hierbij is hartstocht onmisbaar. Als hij echter van mening is dat je allerlei mooie beginselen beter maar met rust kunt laten omdat het abstracte begrippen zijn die de mensen niet aanspreken, vergist hij zich deerlijk. Begrippen als solidariteit en gelijkheid zijn helemaal niet abstract en laten zich uitstekend vertalen in concrete politiek.

En zeker de rechtsstaat is geen abstract principe, aangezien dit de concrete ruimte is waarbinnen de Nederlandse politiek en de Nederlandse staatsburgers zich kunnen bewegen. Met het PVV-programma in de hand kun je heel concreet aangeven welke beperkingen, en vooral voor wie, Wilders hierin wil aanbrengen.

Met alleen mooie, passionele woorden, en zonder beginselen, kom je niet ver. Dan begeef je je op een hellend vlak, waarbij je niet weet waar je uitkomt. Zeker nu VVD en CDA draconische bezuinigingen willen doorvoeren met steun van een anti-rechtsstatelijke partij, is het van het grootste belang om je tegen dit nihilisme te verzetten en duidelijk te maken waar je staat.

Rob Hartmans

Assendelft