Roken is vele malen erger dan (coma)zuipen

‘Zuipen is nu erger dan roken’, luidde de kop boven de rubriek ‘De reizende commentator’ (Opiniepagina, 6 september). Zonder het probleem van comazuipende kinderen te willen bagatelliseren, kan worden gesteld dat de ziektelast voor de samenleving van het roken, disability-adjusted life years, het leed van overmatig drinken vooralsnog veruit overstijgt (rapport WHO, 2005). Het probleem zit hem in het tijdsperspectief. Probleemdrinken heeft duidelijk repercussies voor het hier en het nu: een kind in coma door drank is een onverdraaglijk gezicht voor zowel ouders als dokters.

Roken is net als asbest: de schade komt na ruim twintig jaar, maar is eveneens onverdraaglijk. Het aantal dodelijke slachtoffers van roken is vele malen groter dan het aantal dodelijke slachtoffers van drank en drugs bij elkaar opgeteld.

De realiteit is dat de helft van de rokers sterft door het roken, en daar weer de helft van, dus een kwart van alle rokers, sterft vóór het pensioen door het roken. En daar kan voorlopig geen enkele andere verslaving tegenop.

Pauline Dekker en Wanda de Kanter

Longartsen, Rode Kruis Ziekenhuis, Beverwijk