De christen-democratie en ontwaarding van waarden

In de voorbije weken konden we een blik werpen op het moeras waarin het politieke bestel terecht is gekomen. Het was voor andere partijen zeer amusant toen Rita Verdonk een burgeroorlog ontketende in de VVD. Dat zal ons nooit overkomen, dachten ze bij het CDA.

Ook toen Pim Fortuyn als een orkaan over Paars raasde, amuseerden de christen-democraten zich met de gedachte dat deze revolutie alleen op de paarse politiek was gericht. De christen-democratie is inmiddels een illusie armer. En Nederland is daarmee nog instabieler geworden.

Wat is het toch met politieke elites? Ze willen niet inzien dat de kiezer meer en meer invloed wenst uit te oefenen op de politieke besluitvorming. Het democratiseringsproces, door D66 ingeruild voor publieke baantjes voor zijn topleden, had een krachtig antwoord kunnen zijn op de onvrede. Maar ik hoorde steeds van professionele regenten – de grijze olifanten die de afgelopen weken in opstand kwamen – dat het volk alleen maar een goed bestuurd land wil, meer niet. De rest is achterhaalde flauwekul van Van Mierlo’s partij.

De politiek werd en wordt gezien als een banenmachine. Zelfs toen de gekozen burgemeester aan de orde was, schreef Ad Melkert vanuit Washington over zijn diepe bezorgdheid omtrent de mogelijkheid dat debielen en gevaarlijke figuren de burgemeesterspost konden bezetten. Als voorbeeld noemde hij Arnold Schwarzenegger, de gouverneur van Californië. Daarom maakte hij zich zorgen over de ontwikkelingen in Amerika.

De Nederlandse regenten brengen mij, oorspronkelijk afkomstig uit het Midden-Oosten, behoorlijk in de war: soms vraag ik mij af wat democratisch gezien het verschil is tussen een Arabische regent en een Nederlandse regent. Natuurlijk zou het volk voor een debiel kunnen kiezen. Maar daarna leert het volk dat meteen af.

Democratie is een leerproces van hoe de burgers zichzelf kunnen besturen. Geef de burgers dus meer macht, en wees niet zo bezorgd om de eventuele fouten die ze kunnen maken. De nazi’s staan echt niet voor de poorten van Arnhem of Amsterdam.

Heel Nederland had het sinds 2001 over multiculturele vraagstukken, islam en immigratie. Wat had het CDA daarover eigenlijk te zeggen? Wazige verhalen die bij het wetenschappelijk bureau van het CDA onder leiding van Ab Klink werden verzonnen en die altijd om de dooddoener ‘respect’ draaiden. Wauw! De retoriek van het CDA over deze wezenlijke vraagstukken was zo kinderlijk dat alleen een clown haar kan weergeven. De islam was plotseling een vreedzame lievelingsreligie. Ik herinner mij Jan Peter Balkenende in een debat in de Kamer waar hij aan een gesprek met een sultan uit een Golfstaat refereerde. Daaruit leidde hij af dat er al een verlichte islam bestaat. Dat was een van de antwoorden van het CDA op Fitna van Geert Wilders.

Voor de rest was de opstelling van het CDA gericht op een softe collaboratie met het bedrijfsleven in het Midden-Oosten en de Arabische staten. Ondertussen dacht de top van het CDA dat het volk overtuigd raakte van zijn antwoorden. De regenten leven in een politiek en moreel Disneyland en ze verwarren de applausmachine van hun eigen figuranten met die van de kiezer.

En toen stormden de grijze olifanten het toneel op. Deze olifanten verkeren in de illusie dat ze populair zijn bij het volk. Dat zijn ze niet. Maar ze zijn wel machtig genoeg om een politieke partij naar de afgrond te helpen. Stuk voor stuk zijn ze belanghebbenden, zoals dat in de media al is aangetoond. En de linkse intelligentsia? Met een diarree van woorden – fascisme, nazisme, racisme – trokken ze ten strijde tegen Geert Wilders. Wat hebben ze met deze woorden bereikt? De onderliggende waarden van deze begrippen dreigen nu te worden weggevaagd. Zelfs het zware woord ‘geweten’ werd in de afgelopen weken gebagatelliseerd tot een politieke truc. Waarlijk, alles van waarde is echt kwetsbaar.

Het CDA is niet zo maar verdeeld. Het CDA is gewoon weggevaagd, en als er binnenkort verkiezingen worden gehouden, dan ziet het er voor die partij veel erger uit dan op 9 juni van dit jaar. Twee crises maakt het CDA door: een inhoudelijke en een personele. Inhoudelijk gezien heeft het CDA op kernproblemen als immigratie, integratie en islam geen antwoord. Er is zelfs geen begin van een antwoord te ontwaren. Het cultureel relativisme, en dus ook religieus relativisme van verlichte christenen, heeft de partij, en haar ideologie, verwoest. En personeel gezien had het CDA voor een paar dagen twee leiders: Ab Klink, gesteund door grijze olifanten, en Verhagen, gesteund door vele actieve CDA’ers.

Deze problemen gaan niet vanzelf voorbij. Klink heeft zijn partij ongekende schade toegebracht. Hij heeft het CDA veel meer schade toegebracht dan Ruud Lubbers in 1994, toen hij zei niet op Elco Brinkman te stemmen. Want Klink lukte het om met publicitair geweld (dus zonder overtuigingskracht) een proces te torpederen waar hij zelf drie weken zwijgzaam en instemmend aan had deelgenomen. Daarnaast ging het hier, in tegenstelling tot 1994, om inhoudelijk zeer belangwekkende zaken, waarvoor zijn partij bij de laatste verkiezingen ernstig is gestraft.

Ook heeft Klink een deuk veroorzaakt in het imago van het CDA als een deugdelijke bestuurderspartij. Tenslotte heeft Klink LPF-achtige toestanden teweeggebracht bij een partij die als een bastion van stabiliteit werd gezien. Als iedereen met elkaar ruziede dan was er nog altijd het CDA, dachten we, dat symbool van saaie rust en uitgewogen stabiliteit. Ook deze oud-Hollandse illusie is vervlogen. Moeten we blij zijn? Nee.

Dit land heeft drie krachtige stromingen nodig: de sociaal-democratie, de christen-democratie en het liberalisme. Wanneer die ideologisch en organisatorisch worden verzwakt, dan is dat geen reden voor vreugde. Want in plaats daarvan komt chaos. Is dat alles voor de korte termijn erg zorgwekkend? Een beetje – lang leve de ambtenaren. Zij zijn zelfs in staat gebleken om met bezuinigingsvoorstellen te komen. En de treinen rijden op tijd. De salarissen worden ook op tijd uitbetaald. Deze gehate groep is nu onze redding. Nederland begint op België te lijken. Dat is geen goede zaak.