Vervreemdende funk en desoriënterende disco

Cover van de CD Black City van Matthew Dear

CD pop

Matthew Dear - Black City

Matthew Dear is een eigenzinnige muzikant die niet makkelijk is vast te pinnen op een stijl. Hij maakte het afgelopen decennium vooral naam als technoproducer. Onder een groot aantal namen (Audion, False, Jabberjaw) bracht hij dansvloertracks uit, die varieerden van pruttelende minimal tot scheurende techno.

In 2007 kwam hij ineens op de proppen met het popalbum Asa Breed, waarop hij zelf zong. Hoewel hij op Asa Breed meer terugviel op traditionele songstructuren, waren de klikkende klanken van minimal nooit ver weg. Dat resulteerde in een vreemde kruising tussen elektronica en liedjes, die wonderwel werkte.

Deze lijn trekt Dear door op Black City. Maar de nummers klinken compacter en meer gefocust; de referenties zijn hier eerder Brian Eno, Talking Heads, Depeche Mode en David Bowie. Donkere popmuziek dus, die je constant op het verkeerde been zet. Het album is een verzameling vervreemdende funk en desoriënterende disco, die je het gevoel geeft dat Dear pure popmuziek te makkelijk vindt.

De hoogtepunten van het album zijn twee droefgeestige popliedjes van zeldzame schoonheid. ‘Honey’ heeft fraaie, gelaagde vocalen, die af en toe worden overstemd door uithalen van ruis die als pijnscheuten door het nummer trekken. En ‘Gem’ is een prachtige pianoliedje, waarin Dear zingt over verzoening met het verlies van een geliefde: „All of my sad songs can’t make you change.”

Toon Beemsterboer