Militairen VS verdacht van drie moorden

Twaalf Amerikaanse militairen zijn gisteren in staat van beschuldiging gesteld wegens misdaden in Afghanistan, uiteenlopend van moord tot het verzamelen van lichaamsdelen van slachtoffers bij wijze van souvenir.

Het Amerikaanse ministerie van Defensie erkende gisteren dat de onthullingen over de zaak het aanzien van de Verenigde Staten in de wereld schaadt. De moorden op drie burgers in de provincie Kandahar hadden tussen januari en maart van dit jaar plaats en werden, naar wordt aangenomen, gepleegd door militairen van de Vijfde Stryker-brigade uit de staat Washington.

Vijf van de twaalf aangeklaagde militairen waren in juni al in staat van beschuldiging gesteld. Gisteren bleek echter dat ook zeven anderen worden verdacht in verband met de zaak. Vier van de verdachten zouden onder meer vingerkootjes, een schedel en beenderen mee naar huis hebben genomen. Ook worden ze ervan verdacht te hebben meegewerkt aan het verdoezelen van hun misdaden.

Een woordvoerder van het Pentagon noemde de beschuldigingen „ernstig” en omschreef die als „niet behulpzaam". Tegelijkertijd hamerde hij erop dat de misdragingen van enkelingen niet als representatief mogen worden gezien voor het optreden van de 150.000 Amerikaanse militairen in Afghanistan en Irak.

De vader van een van de aangeklaagde militairen onthulde gisteren tegenover het persbureau AP dat zijn zoon in een Facebook-boodschap al had gezinspeeld op iets ernstigs waarover hij op dat moment niet kon spreken. Dat was kort na de eerste moord, bleek later. De vader had naar eigen zeggen daarop de legerleiding gewaarschuwd. Deze zou echter te traag in actie zijn gekomen om de volgende twee moorden te voorkomen. (Reuters, AP)