Invriezen eicellen geen garantie voor succes

Dat het voorstel om invriezen van eicellen toe te staan veel reacties oproept, wekt geen verbazing. Wel is het opmerkelijk dat in geen van de artikelen, of ze nu van voortplantingsdeskundigen, ethici of journalisten zijn, melding wordt gemaakt van de geringe kans op een kind bij toepassing van deze technologie. Temeer omdat het relatief ‘oudere vrouwen’ betreft en een leeftijdsgrens van 45 jaar is voorgesteld, is informatie over de kans op zwangerschap c.q. een kind, een voorwaarde voor juiste oordeelsvorming. De Nijmeegse voortplantingsdeskundige prof. Kremer e.a. meldde in een overzicht van de ivf-cijfers (2008) dat in ons land de gemiddelde kans op een kind na een ivf-poging 19 procent is; er zijn meerdere pogingen nodig om dit percentage te verhogen tot 25-30 procent.

Voor vrouwen boven de 40 jaar neemt de kans echter sterk af tot 10-15 procent of minder en het precieze voordeel van het gebruik van ‘jonge eicellen’ moet nog worden aangetoond. Bovendien zullen niet veel vrouwen reeds op zeer jonge leeftijd besluiten tot invriezing van hun eicellen. Mij lijkt de conclusie gerechtvaardigd dat vrouwen die deze weg willen bewandelen geen al te hoge verwachtingen mogen hebben.

Prof. dr. H. Galjaard

Krimpen a/d IJssel