DSB had niet failliet hoeven gaan

Gisteren werd in het AZ-stadion het boek over Dirk Scheringa gepresenteerd.

Een eenzijdig, maar wel onthullend verhaal over het omvallen van de DSB Bank.

Hij vecht tegen zijn tranen. Slikt enkele keren en vraagt om een glaasje water. „Sorry, ik ben even emotioneel.” Dirk Scheringa heeft zojuist geluisterd naar Kirsten Verdel, de auteur van het boek Project Homerus. Het miljardenspel met DSB, en neemt het eerste exemplaar in ontvangst.

De oprichter en voormalig topman van de DSB Bank hoorde dat zijn geesteskind helemaal niet failliet had hoeven te gaan. Het omvallen in oktober vorig jaar was niet zijn schuld, zo betoogde Verdel en schrijft ze in haar boek. De ware schuld ligt bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandsche Bank (DNB). De twee toezichthouders hebben volgens Verdel samengespannen, met als enig doel een einde te maken aan het DSB-imperium.

In de Georg Kessler-zaal in het stadion van voetbalclub AZ zullen weinigen van de aanwezigen dat betwisten. Behalve de in groten getale toegestroomde media zijn er vooral vrienden en oud-DSB-medewerkers.

Verdel werd enkele weken voordat DSB begon te wankelen door Scheringa bij het bedrijf gehaald om de producten van de bank door te lichten. DSB lag al jaren onder vuur vanwege een aantal van die producten, vooral de dure en vaak onnodige koopsompolissen die klanten samen met een lening of hypotheek aangesmeerd kregen en waardoor ze in financiële problemen kwamen.

De vraag is waarom juist Verdel – die geen ervaring lijkt te hebben gehad met dit soort financiële producten – de opdracht kreeg. Zij werd in Nederland vooral bekend door haar boek over de verkiezingscampagne van Barack Obama en waaraan zij meewerkte. Uit haar presentatie en het boek blijkt dat ze al snel een goede band kreeg met Scheringa. In elk geval werd Verdel overal bij betrokken vanaf het moment dat DSB serieus in de problemen kwam. Ze was aanwezig bij bestuursvergaderingen, bij nachtelijke overleg, zat in de rechtszaal tijdens zittingen die voor de pers ontoegankelijk waren en ze gaf, zo blijkt uit het boek, Scheringa en het bestuur advies over de te volgen strategie.

Het boek is een onthullend relaas over de gang van zaken in het DSB-hoofdkantoor in Wognum. Zo blijkt Scheringa tevergeefs DSB Bank aan het Britse Barclays en Deutsche Bank te hebben aangeboden, voor 250 miljoen euro.

Maar het is ook een eenzijdige visie. Verdel is duidelijk in haar oordeel: DSB had helemaal niet failliet hoeven te gaan als toezichthouders en de overheid hadden meegewerkt. Volgens Verdel was de AFM bezig met het „treiteren” van DSB en bleef DNB maar brieven sturen over wat er allemaal niet deugde bij de bank.

Verdel is niet de enige die DNB bekritiseert. Ook uit het rapport van de commissie-Scheltema over de val van DSB, dat in juni werd gepubliceerd, blijkt dat DNB tekortschoot in het toezicht bij DSB. De toezichthouder greep te laat in en was te soepel. Scheltema legt echter de grootste schuld bij het bankbestuur van DSB. Bij Dirk Scheringa dus.

Verdel stapt gemakkelijk heen over het feit dat er inderdaad een heleboel zaken niet deugden bij DSB. De meeste banken laten het niet komen tot een brief van de centrale bank. En áls die er komt, wordt dit meestal gezien als een directe opdracht om er wat aan te doen. Bij DSB duurde het simpelweg te lang en ging er te veel mis. DSB stond al een tijd onder verscherpt toezicht en de DNB had in de zomer van 2009 het project Homerus ingesteld, met als doel te zorgen dat Scheringa zou opstappen en zijn aandelen zou verkopen.

Zo ver kwam het niet. Wat rest is een failliete bank en een affaire die nog lang zal doorgaan. Er zullen rechtszaken volgen. Wellicht van gedupeerden of van de laatste raad van bestuur van DSB, die heeft aangekondigd aangifte te doen tegen DNB en het bestuur van de centrale bank. Volgens de vier mannen, onder wie Scheringa, hebben de centrale bankiers de geheimhoudingsplicht geschonden in de zaak-DSB. Als het aan Scheringa ligt komt er nog een vervolg op het DSB-drama.

Hij riep de Tweede Kamer gisteren op om een parlementaire enquête in te stellen naar de val van DSB Bank. „Zodat de onderste steen boven komt”, zei Scheringa.

„En dat de gedupeerde spaarders hun geld terugkrijgen.”