De Deense coup op Ground Zero

Achter het protest tegen een islamitisch centrum bij Ground Zero in New York blijkt een Europees-Amerikaans verbond tegen de islam schuil te gaan.

Morgen, negen jaar na 9/11, bereikt het protest tegen het islamitisch centrum bij Ground Zero een voorlopig hoogtepunt, met Geert Wilders als een van de sprekers. Veel Amerikanen realiseren zich niet dat achter dit protest een nieuwe beweging schuilgaat. Een Europees-Amerikaans bondgenootschap tegen de islam, dat pas sinds dit voorjaar aan de weg timmert.

De basis werd gelegd door een obscure Deense islamcriticus. Dit heeft in de VS tot vergiftigde relaties tussen critici van de islam geleid.

„Is het protest tegen de ‘Ground Zero moskee’ geïnitieerd in Europa?” roept Avi Davis verrast uit. Hij werkt bij de conservatieve American Freedom Alliance (AFA) in Californië. Hij vereert Wilders en beschouwt de discussie over het islamitisch centrum bij Ground Zero als een mijlpaal voor de VS. „Die connectie was mij volledig ontgaan.”

De versimpelde versie van de recente geschiedenis is dat twee bondgenoten van Wilders, de conservatieve bloggers Robert Spencer (Jihad Watch) en Pamela Geller (Atlas Shrugs), de acties tegen de New Yorkse ‘moskee’ entameerden. Zij wisten aandacht in conservatieve media te genereren. Prominente Republikeinen als Sarah Palin en Newt Gingrich steunden in de zomer hun zaak. Sindsdien groeit het antimoslimsentiment in het hele land.

In werkelijkheid ging hieraan een Deense coup bij Stop the Islamization of America (SIOA) vooraf, de actiegroep die het Ground Zero-protest opzette.

Stop the Islamization of America is een afdeling van Stop the Islamisation of Europe (SIOE), een in 2005 in Denemarken gevormde groep die meent dat „islamofobie de hoogste vorm van gezond verstand is”. SIOE heeft talrijke landenorganisaties, ook Nederland kende enkele jaren geleden een afdeling. Het liep mis omdat Monique van der Hulst, die in Nederland mede de leiding had, vaststelde dat SIOE-baas Anders Gravers een „walgelijke vreemdelingenhaat” koestert, schreef zij in 2008 op het blog Frontaal Naakt.

Dezelfde Gravers zette daarna Stop the Islamization of America op. De morsige Deen installeerde een Amerikaanse leiding.

Vervolg Islam: pagina 5

Bewondering voor moed van Wilders

Maar de leiding van SIOA kreeg niets van de grond, vertelt Gravers telefonisch vanuit Denemarken. „Veel praten, geen actie.” Hij besloot dit voorjaar in te grijpen, zegt hij, en „selecteerde Geller en Spencer om de leiding over te nemen”. Hun Amerikaanse medestanders waren geschokt.

Jeffrey Imm is een voormalige FBI-medewerker en kenner van de politieke islam. Hij treedt geregeld op bij FoxNews en voedde Spencer jarenlang met tips; op diens blog zijn vele bedankjes aan Imm terug te vinden. Maar toen Imm vernam dat hij en Geller met SIOA in zee gingen, besloot hij ze een e-mail te sturen: doe dit niet.

Imm zegt te geloven dat Spencer en Geller „het beste met de wereld voor hebben”. Argwaan voor radicale islam vindt hij is geboden, maar SIOA gaat hem te ver. „Islamofobie is on-Amerikaans.”

Geller en Spencer reageerden verbolgen („schandalig”, mailde Geller terug), en Imm zag vervolgens „verbaasd” toe dat in Amerikaanse media nauwelijks aandacht was voor de Europese oorsprong van de New Yorkse protesten.

„Dit laat zien hoezeer Amerika naar binnen is gekeerd”, zegt Charles Johnson. Hij is de man aan wie Geller en, in mindere mate, Spencer hun reputatie danken. Johnson was jazzgitarist en blogde vrijblijvend op Little Green Footballs (LGF) toen in 2001 de WTC-torens werden aangevallen. Hij begon wat te googelen, zette weetjes over Al-Qaeda op zijn blog, en had binnen de kortste keren miljoenen lezers. 9/11 maakte van hem een fulltime blogger.

Een van de actiefste inzenders van reacties was ene Pamela Geller. Een voormalige advertentieverkoopster van The New York Observer met een sterk ontwikkelde Joodse identiteit. „Haar kritiek op de islam staat in het verlengde van Israëls strijd met Hamas en Hezbollah”, zegt Imm. „De islam aanvallen is voor haar een manier om Israël te beschermen.”

Geller was representatief voor de conservatieve lezers van LGF. Haar inzendingen waren zo populair dat ze in 2005 besloot een eigen blog te beginnen, Atlas Shrugs, naar een boek van de libertaire schrijfster Ayn Rand. Johnson had toen al zijn twijfels. „Sommige van haar inzendingen waren volkomen incoherent.”

Intussen radicaliseerde ze in hoog tempo, net als de meeste conservatieve activisten sinds de opkomst van Obama. In 2008 publiceerde ze een foto die Obama afbeeldt als moslim. Ze stelde dat Obama de zoon van de vermoorde moslimleider Malcolm X is. Ze attaqueerde het Republikeinse establishment – Bush, McCain – om hun steun aan „zogenaamd gematigde moslims”.

Haar partner bij SIOA, theoloog Robert Spencer, trekt intussen veel minder aandacht. Hij is de intellectueel van het duo. Spencer is een productieve auteur wiens blog in 2006 werd opgekocht door de conservatief David Horowitz, een activist uit de wereld van Dick Cheney. Tegelijk is hij verbonden aan de American Freedom Alliance (AFA), die wordt geleid door bovengenoemde Avi Davis. „Een wereldwijd erkende deskundige”, noemt hij Spencer.

Charles Johnson was zo hecht met hem dat hij de eerste vormgeving van Spencers blog Jihad Watch verzorgde. Maar hij brak met Spencer nadat hij zich vanaf 2007 inliet met ‘neofascistische groepen’ zoals het Vlaams Belang in België. Ook volgens Imm laat Spencers keuze voor SIOA zien dat hij een activist is, en niet de intellectueel die hij altijd voordeed te zijn.

Tot dit voorjaar bleven Geller en Spencer marginale figuren in een land waar geen politicus van enige standing het aandurft de vrijheid van godsdienst ter discussie te stellen. Populistische ideeën die in Europa gemeengoed zijn – stop moslimimmigratie, verbiedt de Koran, etc. – blijven hier daarom uit den boze.

Door hun marginale rol kreeg het internationalisme van Geller en Spencer ook nauwelijks aandacht. Toch timmeren zij al jaren aan de weg in Europa. Ze hebben contacten met het Vlaams Belang, de Britse European Defense League en Deense activisten zoals Gravers.

Wilders springt er voor ze uit. Ze bewonderen zijn moed en, vooral, zijn solidariteit met Israël. Ze helpen hem bij zijn Amerikaanse fondsenwerving. Voor Geller speelt er meer. Maart 2008 noemt ze Wilders „een enorrrm lekker ding” op haar blog. „Ik zou hem bespringen als ik hem op straat tegenkwam.”

Maar ironisch genoeg is het dus niet Wilders, maar de Deen Gravers, die Geller en Spencer hun doorbraak in de VS bezorgen. Want pas als ze de leiding van SIOA krijgen, is hun opkomst niet meer te stuiten.

Een deel van Gellers aantrekkingskracht in de VS is dat zij The Girl with the Gun symboliseert: het verschijnsel dat jonge Amerikaanse vrouwen een voorkeur hebben voor televisieheldinnen die hun vijanden met bloedvergieten uitschakelen. Het wordt toegeschreven aan het succes van Lara Croft (Angelina Jolie, 2001) en videogames met soortgelijke thema’s, en het gevolg is dat tv-series voor vrouwen niet langer zijn opgehangen aan het traditionele format: carrière, flirten en winkelen. Vooral geweld verkoopt. En Geller levert geweld.

Maar haar opvatting (en die van Wilders) dat terreur voortkomt uit ‘de’ islam, en niet uit een stroming daarvan, toont aan „dat zij niet erg veel van de islam weet”, vertelde de conservatieve islamcriticus Daniel Pipes dit voorjaar aan deze krant.

Het „verbijsterende” is alleen, zegt Johnson, dat Geller de laatste maanden door de media als activist en deskundige wordt behandeld. „Het is alsof je zo’n man op de hoek van de straat die al jaren roept dat het einde der tijden nabij is, ineens presenteert als economie-expert.”