Taal voor onervaren koks

Wat kunnen mensen die niet kunnen koken dan eigenlijk niet. Dat vraagt men zich vaak af, maar een antwoord is daar moeilijk op te krijgen en dat komt, daar ben ik nu wel achter, doordat de geoefende kok en de onervaren kok een heel verschillende taal spreken.

Zo denkt de ervaren kok makkelijk dat als je zegt: ‘zet het stoofgerecht in de oven’, iedereen dan begrijpt dat je die oven niet op 200 graden moet zetten, maar ergens rond de 150 graden – de een wil het wat heter, de ander wat minder heet.

Maar dat is he-le-maal niet vanzelfsprekend. Ongeoefende koks schieten van zo’n mededeling geheel en al in de stress. En misschien zou je voor de geoefende koks het hele recept net zo goed weg kunnen laten en gewoon schrijven: maak boeuf bourguignon. En dat doen ze dan.

Maar ja, als we zó beginnen.

De ongeoefende kok kan ook, heb ik gemerkt, in verwarring worden gebracht door woorden als ‘stoven’, ‘braden’, ‘bakken’. „Wat is dat?” vraagt zo’n kok vertwijfeld. „Wat doe ik anders als ik bak dan als ik braad?”

Daar heeft zo’n kok een punt. Het antwoord is: eigenlijk niets. Bij braden denk je meer aan langere tijd in alleen vet gaar maken, bakken kan ook kort, denk aan een ei of een biefstuk. Aan de andere kant bak je altijd een taart, die braadt je niet. Hoeft bij bakken niet per se vet? Zie je, als je erover nadenkt is het weer een van die dingen waarvan je denkt dat je ze beter begrijpt dan je werkelijk doet. De illusion of explanatory depth noemen psychologen dat, lazen we onlangs in deze krant. Hebben veel mensen.

Zo schreef een ongeoefende thuiskok: „Veel mensen, onder wie ik, weten niet wat ze met een pompoen, een courgette, een aubergine etc. aan moeten.”

Kijk, dat zijn vraagstukken waar we wat mee kunnen. Het is best een goed idee om gewoon uit te gaan van de ingrediënten. Er zijn ook wel kookboeken die dat doen, en dat is prettig. Dan kijk je gewoon: wat schrijven ze over courgette, aubergine, pompoen? En dan doe je dat.

Als je tenminste kunt koken.

Maar ook wie niet kan koken kan van courgette soep maken. Het is mijn ervaring dat minder ervaren koks zich vaak goed thuis voelen bij soep, beter dan bij bakken en braden. Dat moeten ze ook leren natuurlijk, maar vandaag nog niet. Vandaag maken we verrukkelijk romige courgettesoep.

Was de courgettes maar schil ze niet. Snijd ze in de lengte in vieren en vervolgens in redelijk dunne plakjes. (De dikte is geen halszaak.) Snijd de ui fijn. Smelt een klont boter in een ruime pan, bak de ui een paar minuten tot die wat zachter is geworden. Doe de courgettes erbij, bestrooi het geheel met zout en laat het met het deksel op de pan gaar stoven, af en toe roeren om alles gelijkmatig gaar te krijgen.

Giet de kippenbouillon erbij. Pureer de courgettes met de staafmixer, van het vuur af om ongelukken te voorkomen. Zet de pan weer op het gas en laat de soep warm worden. Splits de eieren, het wit mag gewoon weg, en klop de eierdooiers en de room door elkaar. Doe daar twee lepels van de warme soep bij. Giet het eiermengsel dan al roerend in de wel warme maar beslist niet kokende soep en blijf even roeren tot de soep licht gebonden is. Proef of er meer zout bij moet, maal er peper over en dien op.