President Sri Lanka mag langer blijven en krijgt meer macht

Het Sri-Lankese parlement heeft gisteren in grote meerderheid ingestemd met een grondwetswijziging die president Mahinda Rajapaksa in staat stelt zich onbeperkt verkiesbaar te stellen.

Tot nu toe mocht de president grondwettelijk twee termijnen aanblijven en zou hij dit jaar aan zijn laatste termijn zijn begonnen. Volgens de nieuwe grondwet krijgt de president ook de bevoegdheid om belangrijke functionarissen te benoemen bij justitie, politie en de centrale bank. De oppositie vreest dat Sri Lanka, mede door de jongste constitutionele veranderingen, afdrijft naar een dictatuur.

De stemming over amendering van de grondwet werd geboycot door de belangrijkste oppositiepartij, de Verenigde Nationale Partij (UNP). Desondanks werd het amendement met 161 tegen 11 stemmen aanvaard. Zes leden van de UNP stemden met de regeringpartij, de Verenigde Volks Alliantie voor de Vrijheid (UNDP) mee.

Volgens de oude grondwet kon Rajapaksa, die populair is onder de Sinhalese meerderheid in Sri Lanka, twee termijnen van zes jaar aan de macht blijven. Rajapaksa (64) kan zich nu in 2016 verkiesbaar stellen voor een derde termijn. Rajapaksa won begin dit jaar de presidentsverkiezingen van de voormalige legerchef en oppositieleider Sarath Fonseka. Deze is recentelijk door een militaire rechtbank schuldig bevonden aan politieke activiteiten toen hij als hoogste militair van het land in functie was.

Fonseka, lange tijd een bondgenoot van Rajapaksa, leidde het leger van Sri Lanka vorig jaar naar de overwinning in de oorlog met de Tamil-Tijgers. Daarmee kwam een einde aan de burgeroorlog in het land die gedurende 25 jaar het leven van naar schattig honderdduizend mensen heeft gekost. Rajapaksa wordt ervan beschuldigd dat hij een familiedynastie aan het vestigen is. Broers van Rajapaksa hebben hoge posities binnen de regering. (Reuters, BBC)