Rechtszaak over publieke omroep

Dagbladen en commerciële radio- en tv-zenders vinden het onterecht dat de publieke omroep mag blijven uitbreiden in nieuwe media. Zij stappen naar de rechter om de goedkeuring aan te vechten van nieuwe tv-zenders voor de mobiele telefoon en drie andere diensten van de publieke omroep. Demissionair staatssecretaris Van Bijsterveldt (Media, CDA) keurde die vier activiteiten vorige week goed.

De brancheverenigingen van dagbladuitgevers, commerciële omroepen en commerciële radiozenders hebben vandaag bekendgemaakt dat zij in beroep gaan bij de bestuursrechter. Zij vinden dat de publieke omroep de markt ernstig verstoort. Volgens de commerciële media heeft de staatssecretaris die verstorende effecten onvoldoende onderzocht.

Dat is volgens de klagers in strijd met de afspraken die de regering heeft gemaakt met de Europese Commissie. Die heeft Nederland in het verleden beboet wegens ongeoorloofde staatssteun aan de publieke omroep.

„Nu bezuinigingen op de publieke omroep worden overwogen, is een dergelijk verstrekkend besluit door een demissionair bewindspersoon des te opmerkelijker”, schrijven de brancheverenigingen NDP (dagbladen), Vestra (commerciële omroepen) en VCR (commerciële radio). Zij protesteren al langer tegen de in hun ogen oneerlijke concurrentie van de publieke omroep, met name online.

Volgens de Mediawet mag de publieke omroep nieuwe innovatieve diensten aanbieden, maar die moeten wel worden getoetst op hun publieke karakter door het kabinet. Van Bijsterveldt heeft op 31 augustus vier experimenten goedgekeurd voor één jaar.

Het gaat om een uitbreiding van de dienst Uitzending Gemist (downloaden van tv-programma’s en offline bekijken), interactieve servicemenu’s op digitale televisieplatforms (‘de rode knop’ voor extra diensten), drie algemene tv-kanalen voor mobieltjes en twaalf digitale radiokanalen. De commerciële media vinden dat de publieke omroep de markt verstikt en innovatie onmogelijk maakt.