Welke vogel is dat nou eigenlijk, de pechvogel?

Tijdens het fietsen („Ja, je komt nog eens ergens op”) vroeg Duco Wiertsema uit Amsterdam zich af waar de uitdrukking ‘pechvogel’ vandaan komt. „Is dit gebaseerd op een bestaande vogel en zo ja, welke dan?”

In de 19de eeuw kon je voor de pechvogel maar beter goed uitkijken. In de klas. Als je niet zat op te letten, smeet de meester een harde stoffen en met zemelen gevulde pech- of ongeluksvogel naar je hoofd. Als je die vervolgens naar de meester terugbracht, kreeg je klappen met de plak.

De term pechvogel is voor het eerst in 1909 in de Nederlandse taal waargenomen, laat taalhistoricus en medewerker van NRC Handelsblad Ewoud Sanders weten.

En de echte pechvogel, waar de spreekwoordelijke naar is vernoemd, is zeer waarschijnlijk de morinelplevier, weet Sanders te achterhalen. Een mooi bruin vogeltje van ongeveer 21 cm met een brede wenkbrauwstreep dat voorkomt in het uiterste noorden van Europa en Azië en ’s winters zuidelijker trekt, naar een gebied ter hoogte van het noorden van Marokko tot aan Iran.

Vermoed wordt dat de naam morinel is afgeleid van het Griekse morus, dat dom of dwaas betekent. Het is namelijk een nogal tam en onnozel vogeltje, dat zichzelf niet beschermt tegen de mens. ‘Het verhaal gaat dat een broedend exemplaar mét nest en legsel ooit in de hand werd genomen, zonder dat de vogels vluchtte’ is te lezen in Vogels Kijken van Kester Freriks.

In de Engelse vertaling wordt de vogel een dotterel genoemd. En dat is ook wel de benaming voor iemand die altijd de dupe is. In het Frans noemen ze hem een guignard, en dat is vertaald dus weer pechvogel.

Maar, zegt Freriks, de mythologische pechvogel is toch wel de dodo, „omdat die vogel nauwelijks kan lopen en daardoor een heel makkelijke prooi was van de mens, die hem dan ook uitroeide.” Dat gebeurde eind 17de eeuw, toen de Nederlanders voet aan wal zetten op het toen nog onbewoonde eiland Mauritius.

Uit het archief blijkt dat de pechvogel geregeld figureert in artikelen in NRC Handelsblad. Opmerkelijk genoeg worden er bijna altijd sporters mee aangeduid; wielrenners, skiërs of schakers, wie valt of verliest is een pechvogel.

Viola Lindner