Syrië 'valselijk van moord op Hariri beticht'

De Libanese premier, Saad Hariri, heeft destijds ten onrechte Syrië ervan beschuldigd achter de moord op zijn vader, oud-premier Rafiq Hariri, in februari 2005 te zitten.

Hariri zei dat in een gisteren gepubliceerd vraaggesprek met de Saoedische krant Asharq al-Awsat. Syrië werd destijds algemeen beschuldigd van de moord op Hariri. Maar zijn zoon zei in het vraaggesprek: „Het ging om een politieke beschuldiging en de politieke beschuldiging is niet langer aan de orde van de dag.”

Op de achtergrond van deze opmerkelijke ommezwaai staan de snelle toenadering in het afgelopen jaar van Hariri tot het Syrische leiderschap en de recente berichten dat de door Iran en Syrië gesteunde shi’itische organisatie Hezbollah met de moord te maken had. Hezbollah-leider Hassan Nasrallah onthulde deze zomer van de premier te hebben vernomen dat het speciale Hariri-tribunaal in Den Haag zich opmaakte Hezbollah-leden voor de moord aan te klagen. Volgens Nasrallah heeft Israël met informatie geknoeid om zijn organisatie in een kwaad daglicht te stellen.

Direct na de moord op Hariri via een zeer zware bomaanslag werd het Syrische leiderschap beschuldigd. Dat was gewikkeld in een vete met de ex-premier, die zich opmaakte in verkiezingen zijn positie aanzienlijk te versterken.

Onder druk van de Libanese publieke opinie, met de steun van de Verenigde Staten en Frankrijk, werd Damascus vervolgens gedwongen zijn leger uit Libanon terug te trekken. De eerste chef van een VN-onderzoeksmissie, Detlev Mehlis, stelde de Syrische en door Syrië gesteunde Libanese inlichtingendiensten verantwoordelijk voor de moord. Vier (oud-)chefs van Libanese inlichtingendiensten werden jarenlang vastgezet.

Vorig jaar kwamen de vier generaals vrij, nadat was gebleken dat er verscheidene valse getuigen in het geding waren. In Libanon heerst echter grote verwarring over de huidige beschuldigingen – die overigens niet door het Tribunaal zelf zijn verwoord – aan het adres van Hezbollah. Analisten en politici in Beiroet wezen er vorige week op dat een zo zware aanslag nooit had kunnen worden gepleegd zonder dat de toen almachtige Syrische inlichtingendiensten er ten minste van op de hoogte waren. Ook zeiden zij dat Syrië een duidelijk motief had om Hariri te elimineren, terwijl dat wat betreft Hezbollah veel minder voor de hand lag.