Meer begrip voor dader als slachtoffers Roma zijn

Vorige week schoot een Slowaak zijn luidruchtige buren dood. Het zou om Roma gaan en de dader kreeg veel bijval. Zelfs nu blijkt dat het geen Roma waren, gaat de hetze door.

Lubomír Harman is een onwaarschijnlijke held. Vorige week schoot deze 48-jarige Slowaak in een buitenwijk van Bratislava zijn iets te luidruchtige buren dood met een machinepistool, alvorens de hand aan zichzelf te slaan. Schande, sprak de natie, totdat zes van de zeven slachtoffers Roma (zigeuners) bleken te zijn. Toen klonk er opeens ook begrip en zelfs lof. Want Roma zijn lastpakken, die met hun onaangepaste levensstijl wel vaker voor overlast zorgen, nietwaar?

Matús Kostolný, hoofdredacteur van dagblad SME, was verbijsterd over de schietpartij, die zijn weerga niet kent in de recente Slowaakse geschiedenis. Maar de daaropvolgende golf van sympathie voor Harman vond hij helemaal schokkend. „We hebben de website van de krant voorlopig gesloten voor discussies en reacties”, zegt hij. „De rotzooi, het racisme, de haat – het was er gewoon niet meer uit te filteren.”

Nu heeft de nasleep van het bloedbad opnieuw een onverwachte, bizarre wending genomen: de zeven doden zijn, op één na, namelijk helemaal geen Roma, ontdekte SME. Alles wijst erop dat Harman een eenzame gek was, met thuis een arsenaal aan wapens en munitie, een man die niet met Roma, maar met het leven wilde afrekenen. „De Roma hebben niets aan die nieuwe informatie”, zegt Kostolný. „Zij zijn al gestigmatiseerd als asociaal. Ze zijn de dupe van een affaire, waar ze in feite niets mee te maken hebben.”

Dat het zo raar kan lopen, verbaast politicoloog Grigorij Meseznikov niet. In een recente, door zijn instituut (IVO) uitgevoerde opiniepeiling zegt driekwart van de ondervraagden, wat neerkomt op bijna alle niet-Roma in Slowakije, geen zigeuners als buren te willen. „De vooroordelen zijn bijna onoverkomelijk sterk”, zegt Meseznikov. „De nasleep van de schietpartij bevestigt dat alleen maar.” De dag van nationale rouw die de regering meteen na het bloedbad afkondigde, toen het nog om Roma leek te gaan, werd lauw ontvangen. Premier Iveta Radicová reageerde geprikkeld, in een toespraak hamerde ze op het gelijkheidsbeginsel.

De integratie van Roma is volgens Meseznikov urgenter dan ooit. Tijdens de recente parlementsverkiezingen voerde de nationalistische SNS, die toen meeregeerde, openlijk campagne tegen zigeuners, die op billboards werden afgebeeld als met gouden kettingen behangen profiteurs. De SNS verloor zetels, maar heeft er sinds kort een extreem-rechts broertje bij, de LSNS. En in het oosten, waar de meeste Roma wonen, nemen de spanningen toe, nu enkele dorpen zijn overgegaan tot de bouw van muren tegen de overlast uit Roma-nederzettingen.

De Slowaakse politie zweeg aanvankelijk in alle toonaarden over de afkomst van de slachtoffers. Mensenrechtenactivist Laco Oravec prijst dat. „Het was professioneel, etniciteit mag in een dergelijk drama geen rol spelen”, zegt hij. SME-chef Kostolný is minder lovend: „Wat de politie wel zei was dat het getroffen gezin groot, levendig en luidruchtig was en dat bezoekers de hele dag de deur platliepen. De conclusies waren toen helaas snel getrokken. Het klopte precies met het heersende beeld van Roma. Geruchten kregen vleugels.”

Wat volgde was wat politicoloog Meseznikov „de stereotiepe reflex” noemt, een trits misverstanden, waarbij alle betrokken partijen zagen wat ze wilden zien. Familieleden van de vermoorde Roma-man verklaarden dat de dader een racist was, die het op zigeuners had voorzien. De wereldpers maakte er een Europees thema van en legde verbanden met de recente uitzetting uit Frankrijk van bijna duizend Roma. Voor racisten werd Harman „een man die navolging verdient”, aldus een intussen verwijderd commentaar.

Het nieuws dat de slachtoffers geen Roma zijn, dringt nauwelijks door. „Iedereen wil er zo graag een racistische moord in zien”, zegt Kostolný. „Internet is een zegen en een hel.”