Exit?

Een grote meerderheid van de Belgen wil dat België blijft voortbestaan.

Een Vlaamse insider legt uit waarom nu toch iedereen voor opsplitsing pleit.

Neem maar afscheid van dat aardige, bourgondische België. Want vrijdag liep ook in Brussel de kabinetsformatie weer vast. En zelfs als politiek echt niets meer lukt, hoeven de Belgen toch niet te wanhopen. Want dan is er nog altijd een ultieme oplossing: het opsplitsen van België. Dat wordt nu ook weer luidop gezegd, deze keer niet alleen in Vlaanderen, maar ook in Wallonië. Hebben beide landsdelen dan toch iets gevonden waarover ze het eens zijn – het opdoeken van het land?

Het nu gestrande overleg loopt al sinds de verkiezingen van 13 juni, ongeveer net zo lang als de Nederlandse kabinetsformatie. Zelfs de redenen daarvoor lopen parallel: een versnipperd partijlandschap, vluchtige kiezers, een door populistische druk geïntimideerde politieke elite en koudwatervrees over de aankomende bezuinigingen.

Daar heeft België nog de taalkwestie bovenop. Al gaat die niet over taal, maar over de structuur van de staat. Vlamingen willen het federalisme verder uitdiepen, waardoor de deelgebieden meer autonomie zouden krijgen, over de arbeidsmarkt of de gezondheidszorg, maar bijvoorbeeld ook over delen van het justitie- en verkeersbeleid.

Maar Wallonië vreest dat zijn fragiele sociaal-economische weefsel een grotere zelfstandigheid niet aan kan, toch niet financieel, toch niet meteen. Het wil blijven rekenen op de nationale solidariteit. Concreet: jaarlijks gaat 5 à 6 miljard euro aan Vlaams geld over de taalgrens, vooral omdat Wallonië relatief meer werklozen en zieken telt dan Vlaanderen.

Maar ook om ‘objectieve’ redenen heeft België een staatshervorming nodig. De federale staat moet een steeds groter deel van de belastingopbrengsten meteen doorsluizen, onder meer naar de deelgebieden. De wet die dat regelt, is dringend aan herziening toe, anders raakt de federale staatskas leeg. Eigenlijk is dat nu al zo, en er staat diezelfde federale overheid nog een bezuinigingsoperatie van 25 miljard euro te wachten.

Dat wordt de eerste opdracht van de nieuwe federale regering. Als die er al komt, want de partijen die daar nu over onderhandelen, zagen hun gesprekken dus op niets uitlopen.

Een impasse, alweer. Al sinds de vorige federale verkiezingen in 2007 slagen Vlamingen en Franstaligen er maar niet in om het eens te worden over hoe het nu verder moet. Sindsdien hielden en houden de premiers Guy Verhofstadt, Yves Leterme, Herman Van Rompuy en nu opnieuw Leterme slechts kwakkelende kabinetten overeind, die in de perceptie amper wat voor elkaar krijgen. Zelfs over de kleur van de nieuwe autonummerborden kwam het tot ruzie tussen Vlaamse en Franstalige ministers.

Maar dan is er nog die ultieme oplossing: de ‘definitieve boedelscheiding’, codenaam ‘Plan B’, het opdoeken van België. En voor Vlaamsnationalisten is een onafhankelijke Vlaamse staat geen wanhoopsoplossing, maar een ideaal. Dan zijn ze van die lastige Walen af, die niet alleen een andere taal spreken, maar die gemiddeld ook nog eens beduidend linkser stemmen dan de modale Vlaming.

En laat net de partij die dat Vlaamse separatisme hoog in het vaandel draagt, de Nieuw-Vlaamse alliantie (N-VA), op 13 juni veruit de grootste in Vlaanderen zijn geworden. De N-VA van de populaire Bart De Wever heeft politiek en ethisch een conservatief profiel, net als de Vlaamse ideologische grondstroom. Maar anders dan het even separatistische, maar ook zeer rechtse Vlaamse Belang, draagt ze de democratie wel degelijk een warm hart toe. Ze moet dus ernstig worden genomen, zeker nu ze een dertig procent van de Vlamingen vertegenwoordigt.

Zijn zoveel Vlamingen dan separatistisch? Geenszins, op tien procent van hen na. Overigens, dat Vlaanderen dan samen met Nederland de toekomst tegemoet zou trekken, zoals Geert Wilders ooit voorstelde, dat wil haast niemand. Van zijn kant droomt ook niet meer dan een handvol Franstaligen van het rattachisme, een aansluiting van Wallonië bij Frankrijk. Gisteren nog verscheen een wetenschappelijke studie die bevestigde dat vrijwel alle Belgen de Belgische staat het liefst zien voortbestaan. Op een schaal van 1 tot 7 scoort de gehechtheid aan België van 4,38 tot 5,35.

Dat zoveel Vlamingen toch voor de N-VA stemden, staat los van het separatistische programma van de partij. Ze willen wel dat de politieke impasse eindelijk opgelost raakt, onder meer de zogeheten communautaire problemen. En ze hopen dat de fris en dynamisch ogende N-VA wel voor elkaar krijgt wat de klassieke partijen na zoveel jaren aanmodderen niet is gelukt.

Zo speelt de N-VA nu een leidende rol in de formatieonderhandelingen, samen met de socialistische PS, de grote winnaar in Franstalig België. Maar De Wever laadde de verdenking op zich dat hij een verrottingsstrategie volgt: veel meer eisen dan hij redelijkerwijs van de Franstaligen kan verwachten, om zo te kunnen bewijzen dat de Belgische structuur inderdaad ‘niet werkt’. Dan faalt Plan A, het zoeken naar een overlegd compromis, en is het tijd voor Plan B: dat de deelgebieden hun eigen weg gaan als onafhankelijke staten.

Exit België.

En tot ieders verrassing lieten enkele PS-tenoren het afgelopen weekend iets analoogs horen: ja, ook wij hebben, als dat moet, een Plan B in de mouw. Zou het? Technisch gezien misschien wel, maar niet in de politieke realiteit. Het hoort, nu het formatieberaad een adempauze neemt, bij de psychologische oorlogsvoering. De PS wil zich niet door de vermeende verrottingsstrategie van De Wever laten chanteren en tegen de muur drukken om toch nog meer concessies te doen.

Het is overigens niet zo eenvoudig om België te splitsen. De grootste struikelsteen daarvoor is Brussel. De stad vormt een enclave in Vlaanderen, maar het Nederlands is er een kleine minderheidstaal. Het erg multiculturele Brussel vormde zich een aparte identiteit, die Vlaams noch Waals is. Een toekomstig onafhankelijk Vlaanderen kan dat Brussel niet zomaar inlijven, Wallonië trouwens al evenmin, en de Brusselaars willen dat zeker niet. Maar geen van beide gewesten kan niet zonder die economische draaischijf die Brussel is. Vlaanderen en Wallonië zijn een Siamese tweeling met slechts één gemeenschappelijk hoofd, Brussel. Zelfs de meest geavanceerde chirurgie staat hier machteloos.

Het opdoeken van België oogt misschien wel aantrekkelijk, want helder en simpel, maar is dat in de praktijk allerminst. Plan B is zelfs onmogelijk, tenzij tegen een kostprijs die niemand wenst te betalen, ook al omdat ervoor geen draagvlak onder de bevolking bestaat. Dus ja, het zal na de time-out weer lang en geduldig onderhandelen worden, om er toch nog wat van te maken. Van België welteverstaan.

Lees ook het hoofdredactioneel commentaar over België op pag. 19