Een huis of 2 cadeau

Ex-havenbaas Willem Scholten staat voor de rechter wegens miljoenenfraude.

Rechter en officier hebben veel vragen over geldstromen via Zwitserland.

Ja, hij had een geheime Zwitserse bankrekening. En ja, daar kwam ruim 1,2 miljoen euro op binnen van Joep van den Nieuwenhuyzen. En inderdaad, hij heeft die zakenman vervolgens een dienst bewezen door enkele miljoenengaranties te verstrekken. Maar omkoping? Neu, dat heeft hij „nooit zo gevoeld.”

Willem Scholten, voormalig directeur van het Rotterdamse Havenbedrijf, betwist de meeste feiten niet die justitie hem voorhoudt, maar de interpretatie van die feiten door beide partijen ligt mijlenver uiteen.

Gisteren moest de voormalige topambtenaar zich voor de Rotterdamse strafrechter verantwoorden voor wat volgens het Openbaar Ministerie de grootste ambtelijke omkopingszaak ooit is.

Toen in de zomer van 2004 het RDM-concern van Joep van den Nieuwenhuyzen onderuitging, moest Scholten opbiechten dat hij in het diepste geheim vanaf najaar 2002 zestien garanties had verstrekt voor leningen van banken aan het in geldnood verkerende RDM, oplopend tot ruim 180 miljoen euro.

Scholtens belangrijkste verklaring voor die geheime steunoperaties, herhaalde hij gisteren, was dat hij er de haven een dienst mee bewees. Onder druk van de regering had Van den Nieuwenhuyzen afgezien van een omstreden levering van onderboten aan Taiwan. Diens aartsvijand China dreigde met een boycot van de Rotterdamse haven als die leverantie doorging. Dat zou volgens Scholten miljarden kosten. Omdat Den Haag weigerde RDM hiervoor te compenseren, besloot Scholten dat te doen. De twee kenden elkaar goed sinds Van den Nieuwenhuyzen in 1991 eigenaar was geworden van de voormalige staatsscheepswerf RDM. „Ik zag het als mijn taak om China als klant van de haven te behouden”, zei Scholten gisteren tegenover de rechtbank.

Volgens justitie had de nu 66-jarige Scholten een heel ander motief: hij kreeg er flink voor betaald. Op een ontdekte coderekening van een bank in Zürich trof men drie betalingen van in totaal 1,2 miljoen aan, afkomstig van RDM Holding op Curaçao.

Ondanks deze zware beschuldiging – op ambtelijke omkoping staat een maximale gevangenisstraf van vier jaar – zat Scholten er gisteren tamelijk ontspannen bij. Gestoken in een blauw pak gaf hij in het algemeen beleefd en uitgebreid antwoord op de vele vragen van de rechters en de twee officieren van justitie. Maar zijn verklaringen over de verschillende geldstromen via Zürich waren ingewikkeld en maakten zijn verhaal er niet plausibeler op. Het geld was uiteindelijk bestemd voor de Egyptische zakenman Mohammed Shilbaya – eveneens een goede vriend van Scholten – die aan RDM advieswerk had verricht voor de verkoop van onderzeeboten aan Egypte.

Maar waarom had Scholten dan een derde vertrouweling een volmacht op de rekening gegeven, met de opdracht het banksaldo over Scholtens erfgenamen te verdelen indien hij kwam te overlijden? Deze gevolmachtigde was niet op de hoogte gesteld van de deal tussen Shilbaya en Van den Nieuwenhuyzen.

Kort nadat Scholten volgens afspraak in juni 2004 ruim 1 miljoen aan Shilbaya had overgemaakt – en zijn accountmanager in Zürich instrueerde „all relevant material” te vernietigen – kocht de Egyptenaar Scholtens vakantiehuis in Frankrijk.

Een tweede gift betreft een appartement van Van den Nieuwenhuyzenin Antwerpen, waar Scholten een tijd gratis gebruik van mocht maken. Dat was niet slechts een incidentele logeerpartij voor een vriend die in een pijnlijke echtscheiding lag – „Ik wilde Rotterdam eventjes ontvluchten.” Scholten, bleek gisteren, was met zijn toenmalige vriendin nauw betrokken bij de koop en inrichting van het penthouse. Omdat Scholten zo graag kookt („gebraden konijn”, volgens een buurvrouw), wilde hij graag „wat extra pitten” op het fornuis. Het huis werd in z’n geheel betaald door een vennootschap van Van den Nieuwenhuyzen. Toen die in gebreke bleef bij de aanbetaling van de keuken, sommeerde Scholten die vennootschap op faxpapier van het Havenbedrijf het geld snel over te maken.