Wilders blijft Wilders: ondoorgrondelijk

Geert Wilders was weer helemaal Geert Wilders. Op een moment dat bijna niemand het verwachtte, stapte hij uit de formatie.

Onvoorspelbaar. En vaak ook ondoorgrondelijk. Vrijdagavond was het ook vooral zijn partij die de meeste vragen onbeantwoord liet. Zoals: als Wilders zo overtuigd was dat de CDA-fractieleider niet de 21 CDA-zetels kon leveren, waarom wachtte hij dan niet tot het zover was? Dan lag de schuld van het mislukken van het rechtse kabinet mogelijk nog evidenter bij het CDA. Nu laadt Wilders de verdenking op zich dat hij om andere redenen geen heil zag in het kabinet. Zoals de angst dat zijn achterban toch erg zou schrikken van de concessies die Wilders aan de anderen heeft moeten doen om op 18 miljard aan bezuinigen uit te komen. Niks ontzien van ouderen of investeren in de zorg.

De verdenking dat hij zelf de mislukking in de hand werkte, wordt nog eens gevoed door de vileine opmerkingen die hij de wereld in stuurde toen het CDA met zichzelf overhoop lag. De CDA-voorzitter had hij via Twitter „een enorme zeurpiet” genoemd, een kwalificatie die het de PVV goed gezinde CDA’ers niet makkelijker maakte. Licht uitgedrukt.

Bovendien is het vreemd, of op z’n minst opvallend, dat Wilders via Verhagen van de drie dissidente CDA’ers vroeg iets te tekenen waarvan hij zelf wist dat het een lege letter zou zijn. Ook hijzelf maakte immers bij zijn vertrek uit de VVD-fractie gebruik van de juridische bescherming die de Grondwet aan iedere parlementariër biedt om een plek in de volksvertegenwoordiging te behouden, ook al wil de partij die zetel terug. Wilders ging destijds, in 2004, als onafhankelijk Kamerlid verder.

De verdenking zal nog groter worden als eventueel ooit naar buiten komt dat Wilders op vrijdagmorgen al wist wat zaterdagochtend naar buiten kwam: de drie dissidenten hadden woensdagavond geweigerd te verklaren dat ze zich gebonden achtten aan de uitspraak van het CDA-congres, iets wat bemiddelaar Donner had voorgehouden. Maar vooralsnog is onbekend of Wilders daarvan op de hoogte was. Het is de vraag of hier ooit antwoord op komt: Wilders laat zich lastig in de kaarten kijken. Ook de door hem gedisciplineerde adjudanten zeggen doorgaans niets.

En toch zijn wel een paar voorzichtige conclusies te trekken. Door de beslissing van Wilders om het CDA aan te wijzen als de zwakste, meest instabiele schakel in de huidige politiek, heeft hij de christen-democraten een zware slag toegebracht. Het CDA staat zich immers altijd voor op de eigen betrouwbaarheid. Dat Wilders vervolgens openlijk Verhagen prijst, als de man aan wie het niet heeft gelegen, kan oprecht gemeend zijn, maar tactisch is het ook geen kwade zet: de complimenten aan Verhagens adres houden het vuurtje van onenigheid binnen het CDA levend over de principiële bezwaren tegen samenwerking met de PVV, én over de vraag, opgeworpen door de brief van Klink, of Verhagen in de onderhandelingen niet te toeschietelijk is geweest tegenover Wilders. Het imago van Verhagen als rechts blijft intact.

Wilders zelf heeft al een idee van de nabije toekomst. Er komt een kabinet met de PvdA, natuurlijk zonder de PVV. De PVV-leider zei vrijdag zich op te maken voor een rol als leider van de grootste oppositiepartij. Hij vindt het niet erg om die rol op zich te nemen. Fel oppositievoeren bracht hem al van 9 naar 24 zetels. Wie weet wat er nog meer in het verschiet ligt als straks een instabiele compromiscoalitie impopulaire bezuinigingsmaatregelen neemt en vervolgens uit elkaar spat.