Tony Blair, gelovige

Hijzelf noemt het een ‘lange liefdesbrief’ aan zijn land, maar het is vooral een geloofsbelijdenis. Met zijn autobiografie A Journey draagt de Britse oud-premier Tony Blair de overtuiging uit dat hij op de Dag des Oordeels zal worden ingedeeld bij de rechtvaardigen.

Net als George W. Bush, zijn bondgenoot in Irak, veranderde Blair van denominatie. ‘W’ stapte over van de Episcopaalse Kerk (de Amerikaanse tak van de Anglicaanse kerk) naar de evangelische United Methodist Church. En Blair werd van anglicaan rooms-katholiek. Bekeerlingen leggen vaak een meer dan gemiddelde religieuze bevlogenheid aan de dag.

Op beslissende momenten liet Blair zich leiden door geloof, hij geeft dat zelf toe. Na de aanslagen van 11 september 2001 achtte hij oorlog met de aanstichters onvermijdelijk. ‘In zulke omstandigheden’, schrijft Blair, ‘is de enige weg die van het volgen van je instinct en van je geloof. En dat is wat ik deed in de dagen volgend op de tragedie.’ Blair en Bush bundelden hun krachten en vielen Irak binnen.

Voor Blair was deelname aan die operatie geen kwestie van kosten en baten, maar een heilig moeten. Als de kosten achteraf hoog blijken te zijn – destabilisering van een staat in het hart van het Midden-Oosten, tientallen duizenden doden – dan volhard je in je geloof. Saddam had geen massavernietigingswapens, maar hij zou ze zeker krijgen. Is Irak nu beter af dan in Saddams tijd? Blair: ‘Daarop is maar één zinnig antwoord mogelijk: natuurlijk!’

In een interview met de BBC noemde Blair ‘de radicale islam de grootste bedreiging voor de wereld van nu’. ‘Islamisten’, zei hij, ‘geloven dat voor hun zaak alles gerechtvaardigd is, ook de inzet van chemische, biologische of nucleaire wapens.’ Op de vraag of Tsjetsjenen, Kashmiri’s en Palestijnen zich keren tegen bezetters en of dat misschien een voedingsbodem is voor radicalisme, antwoordde hij dat het Westen radicale moslims moet bestrijden omdat zij ‘achterlijk, slecht en op het verleden gericht’ zijn.

Voor Anthony Blair is dit geen slotsom van een analyse, maar een geloofskwestie.