Het pathos van Gergjev houdt zijn festival in leven

Klassiek Gergjev Festival. Gehoord: 2-4/9 De Doelen Rotterdam. Nog t/m 10 sept. Inl: www.gergievfestival.nl ***

Het Gergjev Festival heeft de afgelopen vijftien jaar een gewichtige, zij het nog maar weinig verrassende plaats ingenomen in het Rotterdamse culturele leven. Een ongekend uitgebreide herdenking van Prokofjev in 2003, de oorlogssymfonieën van Sjostakovitsj in 2001, dát waren spannende tijden. Inmiddels is het festival voorspelbaar: grootse thema’s, nadruk op Rusland, een enkele opera, veel randprogrammering.

Gergjevs gevoel voor symfonisch pathos is daarbij een constante, en dat verveelt bijna nooit.

Tsjaikovski’s Pathétique was donderdag bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest (RPhO) een warm bad van emoties. Hoe makkelijk pathos kan omslaan in perversiteiten toonde Denis Matsujev ongelukkigerwijs aan in Rachmaninovs Derde pianoconcert, waar de pianopatser zijn stalen spieren liet rollen.

Dan is Gergjev een geraffineerder romanticus, al mocht Mahlers gigantische Achtste symfonie zaterdag uitgebreid bulderen. Het jubelwerk paste, net als Sjostakovitsj’ contrasterend zwarte Achtste een dag eerder, uitstekend in het thema ‘Resurrection – A story of Rotterdam’. Na bombardement volgt wederopbouw, en Mahlers koorsymfonie is een ode aan de scheppende kracht. Gergjev liet de hemelscharen flink schallen maar gaf ook een verzorgde lezing van de meer ingetogen passages. Het koor en orkest van het Mariinski Theater musiceerden voluit, al tuurden de Russische solisten teveel in de bladmuziek.

De opera The Enchanted Wanderer uit 2002 van Rodion Sjtsjedrin was met drie fantastische solisten nog veel beter bezet. Kristina Kapustinskaya, Sergei Aleksashkin en Andrey Popov mochten in een mooi decor van lang riet lange lijnen zingen, maar je had ze interessantere partijen gegund. Het werk opent en sluit met zacht klokgelui; tel daar quasi-orthodoxe koorzang, Tataarse volksdans en dissonante zweepslagen bij op en alle clichés van de Russische opera zijn present. Het fragmentarische en rommelige plot doet bovendien geen recht aan het ironische origineel van de negentiende-eeuwse auteur Nikolaj Leskov. Niets mis met behoudend muziektheater, maar het moet wel beklijven.

Na zijn vertrek in 2008 als chef-dirigent van het RPhO geeft Gergjev zijn naam aan het festival nog tot 2012. De vaak uitverkochte Doelen rechtvaardigt dit voortbestaan. Vrijdag sluit het RPhO af met Mahlers Tweede symfonie ‘Auferstehung’ o.l.v. chef Yannick Nézet-Séguin. De overbezette Gergjev is dan reeds vijf dagen het land uit – ook al geen verrassing.