Van bruin-rechts tot diep rood

Zevenentachtig dagen onderweg en nog geen millimeter opgeschoten.

Dat is na het klappen van de formatie gisteren de stand van zaken in het landsbestuur. De impasse die op 9 juni met de complexe, want versnipperde, stembusuitslag begon, is gisteren hooguit een nieuwe fase ingegaan: die van totale onwetendheid over een concrete uitkomst.

Economisch gezien zal het mislukken van een rechtse coalitie dubbele gevoelens opwekken. Tegenstanders van ‘bruin-rechts’ – zoals de coalitie van CDA en VVD met gedoogsteun van de PVV in de wandelgangen heet – zullen blij zijn dat de rigoureuze bezuinigingen van zo’n 18 miljard euro van tafel zijn. Daarmee wordt in elk geval voorkomen dat het prille herstel van de Nederlandse economie de kop in wordt gedrukt met een al te harde trap op de rem.

Voorstanders van de nu gesneefde coalitie zullen met evenveel recht beweren dat de broodnodige structurele veranderingen van de economie nu uitblijven. Een minder ruimhartig sociaal vangnet, een hogere AOW- en pensioenleeftijd, activerend werkgelegenheidsbeleid, het is allemaal nodig om Nederland weerbaarder te maken.

Voormalig minister van Financiën Wouter Bos rekende ruim een jaar geleden voor dat de staatsschuld tegen het eind van 2010 met 100 miljoen per dag zou toenemen. Dat betekent dat de formatiepogingen tot nu toe 8,7 miljard euro aan extra staatsschuld hebben opgeleverd.

De mare gaat dat het voor de economie alleen maar beter is als het land niet bestuurd wordt. Ook nu weer. Juist deze week maakte het CBS bekend dat de Nederlandse economie het in de zomer opmerkelijk goed is gaan doen. Het conjunctuurbeeld is eind augustus aanzienlijk beter dan eind juli, vooral door de groei van de economie en het herstel van de arbeidsmarkt. De Nederlandse economie zit inmiddels in de ‘herstelfase’.

Voor VVD-leider Mark Rutte is er een schrale troost. Zijn formatie mag na 87 dagen weer terug bij af zijn, voor zijn voorganger Jan Peter Balkenende gold dat zijn eerste kabinet na 87 dagen alweer ontslag moest indienen.

Diezelfde Balkenende zal gisteren met enige verbazing en wellicht afkeer hebben geconstateerd dat hij over ruim twee weken op Prinsjesdag wederom een begroting moet verdedigen. Zijn negende, en niet de minste: eentje met forse bezuinigingen (3,2 miljard euro). Demissionair minister van Financiën De Jager suggereerde destijds dat hij daarmee een volgend kabinet een eindje op weg wilde helpen door de boel netjes over te dragen. Balkenendes hoffelijkheid jegens zijn opvolgers zal wel afhangen van welke partijen er over twee weken aan het formeren zijn.

Egbert Kalse