VN: uitstel van 'genocide'-rapport

De Verenigde Naties stellen de publicatie van een rapport waarin Rwanda beticht wordt van mogelijke genocide in buurland Congo, uit tot 1 oktober. Het uitstel moet betrokken landen gelegenheid geven om op de bevindingen te reageren, zo hebben de VN gisteren bekendgemaakt.

Het rapport had eigenlijk deze week officieel openbaar gemaakt moeten worden. Het was vorige week al uitgelekt naar de media. In de tussenliggende tijd heeft Rwanda gedreigd om zijn medewerking aan VN-vredesmissies in te trekken door ruim 3.000 blauwhelmen terug te roepen uit onder andere Soedan. Rwanda ontkent dat het genocide heeft gepleegd.

Het 545 pagina’s tellende VN-rapport beschrijft meer dan zeshonderd ernstige misdaden door verschillende partijen in Congo tussen 1993 en 2003. De zwaarste misdaden werden volgens de onderzoekers begaan tussen 1996 en 1998 door militairen uit Rwanda en door strijders van rebellenleider Laurent Kabila, die gesteund werd door Rwanda. Indien de misdaden bewezen worden voor een daartoe gekwalificeerd tribunaal, dan zouden zij volgens de VN kunnen neerkomen op „genocide”.

De kans dat zo’n tribunaal er komt, wordt niet groot geacht. Het bestaande Internationale Strafhof in Den Haag is niet bevoegd inzake oorlogsmisdrijven uit de jaren negentig. En de Congolese president Joseph Kabila heeft een goede reden om niet aan berechting te willen meewerken. Hij streed destijds met het rebellenleger van zijn vader tegen de regeringssoldaten van president Mobutu (Congo heette toen nog Zaïre). Dat betekent dat Kabila junior betrokken zou kunnen zijn geweest bij de door de VN in kaart gebrachte misdaden. Kabila senior overleed in 2001. (Reuters, AP)