Twijfel kan weer terugkeren

Hoe weten VVD en PVV dat de twijfel bij de drie CDA-dissidenten niet terugkeert?

Want Klink is nauwelijks nog geloofwaardig als hij straks de coalitie goedkeurt.

Het was een opvallend tafereel: Geert Wilders en Maxime Verhagen liepen gebroederlijk over het Binnenhof op weg naar de informateur. Maar er moesten geen conclusies aan worden verbonden, zei PVV-leider Wilders. Hij was Verhagen in het Kamergebouw tegengekomen. „Dus lijkt het me heel normaal dat we nu samen aankomen.”

Zo kwamen na twee lange dagen van crisisberaad bij het CDA de formatiebesprekingen met VVD en PVV weer op gang. Het CDA had woensdagnacht laten zien dat het haar imago als dé machtsmachine van Den Haag verdient. Medeonderhandelaar Ab Klink was de afgelopen week tot de „definitieve” conclusie gekomen dat samenwerking met „omstreden beweging” PVV een onbegaanbare weg is. Dat had hij dinsdag in een brief aan de fractie geschreven. Daarna was het crisis.

Maar woensdagnacht bleek dat een openlijke breuk van de CDA-fractie was afgewend. Verhagen en Klink hadden hun diepe verschil van mening over de vraag of het CDA wel moest doorpraten met de PVV geparkeerd. Ook de medestanders van Klink, de Kamerleden Ad Koppejan en Kathleen Ferrier, hadden zich daarnaar gevoegd.

De uitkomst was dus dat de formatiebesprekingen doorgaan, maar dat Ab Klink daarbij niet langer de secondant van Verhagen is. Als onderhandelaar is Klink vervangen door Ank Bijleveld, maar hij blijft wel in de fractie. Onmiddellijk vervielen alle CDA’ers terug in de mantra van de afgelopen weken: de fractie wacht het onderhandelingsresultaat af en velt daarna een oordeel of het in een coalitie stapt met de VVD en een gedogende PVV. Alle fractieleden mogen dan hun eigen standpunt bepalen. Daarna worden regeer- en gedoogakkoord aan de CDA-leden voorgelegd.

Maar is het wel zo simpel?

Informateur Opstelten moet de basis leggen voor „een stabiel kabinet” dat kan rekenen op „een vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal”. Biedt de gammele wapenstilstand tussen Maxime Verhagen, Ab Klink en de andere fractieleden daarvoor nog voldoende perspectief? Dat is een vraag die Opstelten en de VVD en PVV zich nu stellen. Tot hun eigen verbazing: het CDA was altijd de partij waar de rijen vanzelfsprekend gesloten waren. De drie dissidenten in het CDA – Ab Klink, Ad Koppejan en Kathleen Ferrier – hebben weliswaar beloofd alsnog het resultaat van de onderhandelingen af te wachten, maar hoe weten de coalitiepartners zeker dat bij het drietal niet opnieuw twijfel de overhand krijgt?

Het eerste gesprek bij Opstelten sinds afgelopen maandag bracht nog geen duidelijkheid. De crisis bij het CDA had bij VVD-leider Mark Rutte en Geert Wilders veel vragen opgeleverd. Verhagen gaf gisteren bij Opstelten de antwoorden op die vragen. Maar of die voldoende waren, lieten Rutte en Wilders in het midden. Wilders: „Ik wil nu eerst goed nadenken over de antwoorden voordat ik er conclusies aan kan verbinden.” Rutte: „We gaan ons in eigen kring beraden.” Opstelten liet weten dat hij de beraadslagingen bij VVD en PVV afwacht. Waarschijnlijk trekt hij vandaag conclusies over de volgende stap die hij moet nemen.

De kans is groot dat de besprekingen wel verder gaan – al moet je een verrassende wending in deze historische gezien unieke formatie niet uitsluiten. Maar dat wil niet zeggen dat de kans groot is dat het bijzondere minderheidskabinet er komt. Voor de benodigde 76 zetels is ook de steun van Klink, Koppejan en Ferrier nodig, en van eventuele andere CDA-fractieleden die sterk twijfelen.

Ab Klink kan nauwelijks nog als geloofwaardig politicus verder als hij straks de samenwerking met de PVV goedkeurt, ondanks de formele eensgezindheid waarmee het CDA nu verder gaat. De brief die Klink, de huidige minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, dinsdag aan Verhagen en interim-partijvoorzitter Henk Bleker stuurde, loog er immers niet om. In harde bewoordingen maakte hij duidelijk dat samenwerking met de anti-islampartij van Geert Wilders voor hem een „onbegaanbare weg” is geworden, wat er ook in regeer- en gedoogakkoord op papier wordt gezet.

En, schreef hij, voor hem persoonlijk is dat „echt een definitieve conclusie”. Als die conclusie voor Klink vaststaat, en hij daarbij steun blijft krijgen van de twee andere fractieleden, dan heeft de coalitie geen meerderheid meer. De steun van de SGP, waar achter de schermen aan is gewerkt, is dan onvoldoende.

Klink en de andere dissidenten kunnen besluiten hun politieke toekomst te laten afhangen van het ledencongres van het CDA. Stemmen de leden in met het regeer- en gedoogakkoord, dan is het niet ondenkbaar dat de drie zich terugtrekken en plaatsmaken voor de kandidaten die hoger op de lijst stonden. Maar niemand kan ze daartoe dwingen. Ze kunnen evengoed besluiten te blijven zitten en dat deel van de achterban vertegenwoordigen die tegen is. Dan kan niet meer van een stabiele coalitie worden gesproken.

De CDA-top gaat er nog steeds vanuit dat een goed onderhandelingsresultaat veel reserves zal wegnemen. Maar het moet nog maar blijken of de duizenden leden op het CDA-congres ook met een grote meerderheid hun steun zullen uitspreken. De uitgelekte brief van Klink zal veel leden niet geruststellen. Hij voorspelt dat Wilders op zijn bekende wijze de coalitiepartners gaat tarten, „voluit op het orgel” spelen zoals Klink schreef. „Voortdurend zal de partij worden uitgedaagd op haar christelijke grondslag en democratische motieven en zal zij afstand moeten nemen van de PVV.” Dat soort passages geven het twijfelende deel van de achterban natuurlijk weinig vertrouwen.

Er kan dus nog veel misgaan tot het minderheidskabinet met koningin Beatrix op het bordes staat.