Plaatselijke leveranciers

Zou het nu voor een supermarkt onmogelijk moeilijk zijn om contact te hebben met plaatselijke leveranciers? Dit is natuurlijk een retorische vraag, want ik vind zelf dat ik het antwoord heel goed weet, maar ik wil de mogelijkheid open laten dat ik allerlei moeilijkheden over het hoofd zie.

Mijn eigen plaatselijke supermarkt, een Plus, maakt net als alle andere Plussen reclame voor de band die men onderhoudt met het land en de leveranciers enzovoort. Maar elk ei dat je er vandaan haalt is oud, de dooiers zakken zowat door de schil heen en in het midden waar de dooier hoort te zitten zit eiwit. Met als verschrikkelijk gevolg dat een niet helemaal hard gekookt ei wit snot in het midden heeft en een keiharde dooier onderin.

Niet dat er in de buurt van onze Plus niet allemaal plaatselijke eieren te krijgen zouden zijn. Volop. Maar er is nergens een apart tafeltje met ‘eieren uit de streek’.

En voor het management mij gaat opbellen om uit te leggen dat dat onmogelijk is, zeg ik gauw: in Franse supermarkten hebben ze dat wel.
Maar ja, Franse supermarkten. Daar zie je soms boven de sla en de boontjes kleine watervernevelingetjes. Om de sla fris te houden.
Waar de Plus een speciale lijn met boerenproducten voert, ‘Gijs’ geheten, heeft de Franse supermarkt gewoon een afdelinkje regionale producten. En die zijn dan echt regionaal. Dat is niet een pot boerenjam uit Brabant in een Fries supermarktfiliaal. Laat staan dat die boerenjam dan ook nog de viscositeit van montagekit heeft. Probeer daar maar eens een beschuitje mee te eten.

Nu ja, ja, het is waar, ik ben even in Frankrijk. Dan sla je al gauw deze verontwaardigde toon aan die voor driekwart uit jaloezie bestaat. Overal langs de wegen heerlijke sappige, geurige, smakelijke perziken, nectarines, meloenen, druiven. Als je een perzik eet, denk je verrukt: er bestaat op de hele wereld niets heerlijkers dan een perzik. Bij een nectarine denk je hetzelfde. Een meloen: weer die gedachte.

Nu moet ik eerlijk zeggen dat de Plus ook genoeg had van die perziken die meer van koolraapjes weg hadden en zich erop toegelegd heeft perziken met smaak te verkopen. Bravo. Dan maken we sabayon met perziken en bramen – de bramen zijn rijp en heerlijk.
Pluk ze zelf bij voorkeur, want die grote dikzakken die verkocht worden zijn volstrekt smaakvrij. Wat op zichzelf wel knap is.

Sabayon met perziken (voor 6 personen)

9 net rijpe perziken
300 g bramen
150 g suiker
6 eierdooiers
200 g witte basterdsuiker
2,5 dl witte wijn
1 dessertlepel kirsch

Schil de perziken, snij ze doormidden en haal de pit eruit.

Doe de suiker met een glas water in een ruime pan en breng aan de kook. Doe er de perzikhelften in, die moeten bedekt worden met een laagje siroop. Laat ze even koken tot ze glanzend zijn, ze mogen niet uit elkaar vallen. Haal ze uit de siroop en laat ze afkoelen.

Maak de sabayon: kluts met een garde in een steelpan de eierdooiers en de suiker tot een gladde, witte crème. Verdun die met de wijn en zet de pan op laag vuur, of, voor wie dat angstig vindt, boven een pan kokend water. Blijf kloppen tot er een schuimig geheel ontstaat. Haal de sabayon van het vuur, voeg de kirsch toe en laat afkoelen. Zet een uur in de koelkast.

Schenk voor het serveren een laag sabayon in een (glazen) schaal, leg de perziken daarop met de bolle kant naar beneden, giet daaroverheen weer een laag sabayon en decoreer het geheel met de bramen.