Juichen over invriezen eicellen is misplaatst

Het is misleidend om het invriezen van eicellen voor te stellen als de oplossing van de problemen van de moderne vrouw, aldus filosoof Ger Groot.

Stine Jensen stak in deze krant van 1 september de loftrompet over het invriezen van eicellen van gezonde vrouwen. Haar gejubel vraagt om enige scepsis. Want een wondermiddel is dit invriezen allerminst.

Zowel de extractie van de eicellen als het terugplaatsen ervan zijn zware medische ingrepen. Om bij het ‘oogsten’ voldoende eicellen beschikbaar te hebben, moet de vrouw een behandeling ondergaan die haar hormoonspiegel tot zulk een abnormale hoogte opstuwt dat een stuk of tien eicellen tegelijk beschikbaar komen. Dat impliceert een dagelijks ritme van injecties en pillen gedurende de hele vruchtbaarheidscyclus. Om voldoende eicellen te verzamelen, moet deze behandeling een aantal malen worden herhaald. Met de nodige rustpauzes is een vrouw daar al snel een half jaar mee zoet. De ingrepen waarbij de eicellen aan het lichaam worden onttrokken komen daar nog eens bovenop. Ook al zullen deze technieken in de toekomst worden verbeterd, een pretje zal het nooit worden.

Is eenmaal het moment van de zwangerschap aangebroken, dan is het nog maar de vraag of die zal aanslaan. Ivf-behandelingen boven de 35 jaar hebben een zeer lage kans van slagen. Dankzij het gebruik van (jonge) donoreicellen is die kans zeer sterk gestegen. Eenzelfde effect is misschien te verwachten van het gebruik van eigen, ingevroren cellen uit een jongere leeftijdsfase (die dan wel vroeg genoeg moeten worden ingevroren). Maar ook dan zal het aantal vrouwen waarbij deze behandeling niet het gewenste resultaat oplevert, aanzienlijk zijn.

Deze techniek verbieden is een tamelijk zinloze zaak. Maar het is nogal misleidend haar voor te stellen als de oplossing van het probleem van vrouwen die geen geschikte partner kunnen vinden, eerst een carrière willen opbouwen of strijden tegen het spook van het ‘glazen plafond’. De voorgestelde regeling legt de grens voor terugplaatsing bij 45 jaar. Dat is precies de leeftijd waarop het er bij de opbouw van een topcarrière op aan komt.

Slaat de uitgestelde zwangerschap op een latere leeftijd tegen alle verwachtingen in bovendien niet aan, dan ligt verbittering op de loer. Al die moeite voor niets, en nu is het écht te laat.

Er is een tijd geweest waarin het feminisme zich mordicus verzette tegen elke medicalisering van het vrouwelijk lichaam. Dat was zwaar overdreven. Maar de balans lijkt nu naar de andere kant te zijn doorgeslagen. De gezondheidstechniek moet er nu aan te pas komen om een oplossing te forceren van een maatschappelijk vraagstuk: de geringe arbeidsparticipatie van Nederlandse vrouwen. Dat is de wereld op haar kop.

Het probleem moet worden opgelost waar het ligt: bij het scheppen van voldoende kinderopvangplaatsen (daar dreigt alweer danig de klad in te komen) en flexibilisering van de werktijd. En om te beginnen de arbeidsmoraal van Nederlandse vrouwen: ‘verwende prinsesjes’ – volgens een kritisch boek van Elma Drayer – die massaal kiezen voor deeltijdwerk en daardoor het ‘glazen plafond’ zelf in stand houden. De heilsleer van de ingevroren eicel versterkt die ondeugd eerder dan dat hij hem bestrijdt – en juist daarom is hij zo schadelijk.

Ger Groot is filosoof.