Dringen op markt voor fotografen

De Fotoacademie kondigde onlangs aan afgestudeerden die na twee jaar nog geen werk hebben lesgeld terug te betalen. Is er genoeg werk voor fotografen?

Eén ding heeft Pim Leenen (25) met zichzelf afgesproken: „Ik fotografeer geen mensen meer”.

Leenen studeerde vorig jaar af als fotograaf aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. Tijdens zijn studie kluste hij wel eens bij als portretfotograaf, maar „in die sector is zoveel concurrentie”, zegt Leenen. „Dan krijg je 100 euro. En als je meer wilt, zijn er duizend anderen voor jou.”

Hij werkt nu drie dagen per week in een fotovaklab, „om de huur te betalen”. Zijn werk als fotograaf ziet hij de komende jaren nog als investering.

Nogal verbaasd was hij daarom dat de Fotoacademie onlangs aankondigde dat elke nieuwe student aanspraak kan maken op een vergoeding van het collegegeld voor de gehele opleiding wanneer hij twee jaar na afstuderen geen baan heeft kunnen vinden als fotograaf.

De particuliere fotografieschool wil zich zo onderscheiden van het groeiend aantal concurrerende foto-opleidingen in Nederland. Dat is nodig, zegt Han Sieveking, directeur van de Fotoacademie, want het aantal studenten dat afstudeert als fotograaf is al enkele jaren flink aan het toenemen. „Over een paar jaar zouden dat er wel eens duizend tot vijftienhonderd per jaar kunnen zijn”, zegt hij, „maar er is nooit genoeg werk voor zo veel fotografen in Nederland.”

Bij de Kamer van Koophandel staan 10.624 fotografen als zelfstandige ingeschreven. Van hen zijn 252 nieuwsfotografen, de rest werkt als mode-, reclame-, bruiloft- of portretfotograaf. Vijftienhonderd nieuwe fotografen per jaar lijkt dan ook erg veel.

Zware tijden lijken zich aan te dienen in de fotografie. Maar studenten van de Fotoacademie hebben volgens Sieveking niets te vrezen. Vandaar de garantieregeling. De Fotoacademie stelt dat meer dan 90 procent van de afgestudeerden geld verdient als fotograaf. „Maar dat beloven alle opleidingen tegenwoordig”, zegt hij. De regeling is er om te laten zien dat de Fotoacademie die belofte juist wel waar maakt, aldus Sieveking.

Dat klinkt meer als reclame. Daarbij wordt die komende verzadiging van de arbeidsmarkt door zijn collega’s een stuk luchtiger opgevat. Hoeveel fotografen jaarlijks van de kunstacademies afstuderen is lastig vast te stellen, omdat er geen aparte bachelor fotografie bestaat. De foto-opleidingen aan de hogescholen vallen als studierichting onder overkoepelende kunst- of vormgevingbachelors. Maar meer dan 150 per jaar zullen het er niet zijn.

De Fotovakschool, de andere grote particuliere foto-opleiding in Nederland, levert op dit moment ongeveer 250 fotografen per jaar. De Fotoacademie zelf nog eens zo’n zestig en de andere particuliere opleidingen bij elkaar zeker niet meer. Het overgrote deel van Sievekings vijftienhonderd fotografen moet dus van de roc’s gaan komen.

Op dit moment bieden twaalf verschillende roc’s een foto-opleiding aan. Acht daarvan leiden zelfstandige fotografen op. Veel opleidingen bestaan nog niet zo lang en hebben hun eerste lichting afgestudeerden nog niet afgeleverd. Wanneer dat zo ver is, zullen deze acht roc’s per jaar maximaal 160 fotografen afleveren, volgens de MBO-raad, de koepelorganisatie van roc’s. De particuliere Fotovakschool is dit jaar ook een erkende MBO-opleiding gestart, en verwacht over twee jaar nog eens tachtig extra fotografen per jaar te leveren.

Dat zijn tegen die tijd in totaal dus hooguit een kleine achthonderd fotografen per jaar. Geen vijftienhonderd, maar wel veel. Logisch, „want beeld is hot op dit moment”, zegt Paul Akkermans, directeur van de Fotovakschool. Hij maakt zich geen zorgen over de arbeidsperspectieven van zijn studenten, ook niet van die nieuwe mbo’ers. „Het beroep krijgt een steeds bredere invulling door de digitalisering. Fotografen worden steeds vaker ingezet als beeldbewerker of in de communicatie.”

Aan de hogescholen maken ze zich daarom ook geen zorgen, zegt Jeroen Chabot, de secretaris van koepelorganisatie OBK (Overleg Beeldend Kunstonderwijs) en adjunct-directeur van kunstacademie AKV St. Joost in Breda.

Van de 21 fotografen die per jaar aan St. Joost afstuderen gaat ruim 70 procent aan het werk als fotograaf, zegt hij. En niet als bruiloft- of portretfotograaf. Dat is juist het werk dat de fotografen van het mbo gaan doen. „Buiten dat zien veel studenten zo’n mbo-opleiding juist als opstap om door te studeren”, aldus Chabot.

Die andere 30 procent van zijn ex-studenten is gelukkig geworden met een andere baan of studeert door aan de universiteit. Het maakt hem ook niet zo veel uit wat voor werk ze uiteindelijk gaan doen: „Het gaat ons erom dat we geëngageerde mensen afleveren, die wat kunnen betekenen voor de maatschappij.”

Mocht een van Sievekings fotografen toch geen werk kunnen vinden, dan kan hij of zij tussen de 15.000 en 28.000 euro aan collegegeld terug krijgen. Een „aardig initiatief”, vindt Akkermans, maar hij ziet geen aanleiding om iets soortgelijks te ondernemen om studenten te trekken.

„Een commerciële instelling moet in deze tijden met commerciële acties komen”, zegt Chabot van het OBK. De toename van roc-fotografen is al lang geen issue meer, „maar het is wel een fantastisch marketingstatement, als de Fotoacademie via de voorpagina van de Metro dit jaar net die laatste dertig studenten binnenhaalt.”