Ook dakloze veteranen zijn Irak-moe

In zijn toespraak gisteren probeerde president Obama politiek gewin te halen bij de Irak-oorlog. Bij de veteranenopvang Operaton Stand Down keek niemand.

Tom-Jan Meeus

Het leek logisch dat ze gisteren reikhalzend uitkeken naar de toespraak van de Amerikaanse president Barack Obama. Bij Operation Stand Down, aan een brede asfaltweg in Nashville, Tennessee, werken ze met de schrijnendste gevallen onder de militaire slachtoffers van de oorlog: daklozen. Mannen die terugkeren van het front en alleen nog willen leven met bier, sigaretten en een winkelwagentje.

In Washington nam de nervositeit ’s middags toe, zoals gewoonlijk op een dag van een presidentiële toespraak op primetime. Eerste versies van Obama’s tekst – de formele beëindiging van de Amerikaanse gevechtsacties in Irak – begonnen net via politieke blogs uit te lekken.

Op dat moment kreeg Randy Ammons van Operation Stand Down in Nashville een onverwachte vraag voorgelegd: gingen ze in de zeven huizen waar Operation Stand Down dakloze veteranen opvangt ’s avonds naar de toespraak kijken?

Ammons had er, moest hij bekennen, niet bij stilgestaan. Hij keek in de agenda. „Oh nee, dat zal niet gaan.” Er stonden groepsvergaderingen met de daklozen gepland, precies op het moment van de toespraak. „Ik weet ook niet of deze mensen nog op Irak zitten te wachten, hoor.”

Het illustreerde de geringe belangstelling voor de zeventien minuten televisie waarmee Obama gisteravond vanuit de Oval Office een streep zette onder Iraqi Freedom, de gevechtsoperatie die zeven jaar geleden begon.

Het land wilde de oorlog niet meer, zo liet het bij de verkiezingen van 2006 en 2008 al blijken. De politieke discussie over Irak was voorbij.

De beloofde terugtrekking was ook nooit omstreden, mede omdat 50.000 militairen voor „training en assistentie” van Iraakse eenheden achterblijven. Obama zei gisteren dat „het geweld” niet voorbij is. Maar tekenend was dat de Republikeinen, altijd in voor een conflict met Obama, gisteren geen bezwaar maakten tegen het einde van de gevechtsoperatie.

De manier waarop Obama deze „historische” doorbraak besprak, liet zien dat hij ‘Irak’ nog altijd beschouwt als een thema waaruit hij munt kan slaan. Hij riep nogmaals in herinnering dat hij de invasie in 2003 verwierp. Hij stipte aan dat de terugtrekking verloopt zoals hij in zijn verkiezingscampagne had beloofd. Hij zei dat de kosten van de oorlog de ontwikkeling van de middenklasse hebben belemmerd. En hij suggereerde dat het zwakke economisch herstel kan versnellen nu de overheid minder geld kwijt is aan de Irak-oorlog.

Probleem is alleen, bleek gisteren in Nashville, dat zelfs zijn achterban moe is van het Iraakse conflict. Activisten die er in de campagne van 2008 op bleven hameren dat Obama voor de invasie de juiste analyse maakte, hebben nu de fut niet meer voor de president in actie te komen.

Politieke overwinningen zijn momenten waarop Amerikaanse politici hun achterban in beweging krijgen. Tekenend was gisteren dat Organizing for America, waarin Obama’s vrijwilligers van 2008 zijn opgegaan, in Nashville en omstreken gisteren niet één evenement aan Obama’s toespraak wijdde.

Voor antioorlogsactivisten, in 2008 al even gedreven, geldt hetzelfde. Joey King van Veterans for Peace in Nashville, nog zo’n groep die zich twee jaar terug uit de naad liep voor Obama, zei dat hij niet eens had overwogen om aanhangers bij elkaar te halen. „Niemand heeft daar nog zin in’’, zuchtte hij. Zelf kijkt hij niet eens naar de speech. „Ik moet werken.”

Zo heeft Obama in twee jaar tijd de groep activisten die hem aan de macht hielp van zich vervreemd. De teleurstelling over de opgevoerde oorlog in Afghanistan is groot. Niet voor niets gebruikte Obama de toespraak gisteren om te benadrukken dat ook daar zomer volgend jaar echt met terugtrekken van militairen wordt begonnen.

Het zwakke herstel van de economie maakt het aannemelijk dat de Democraten in november een verpletterende nederlaag bij de Congresverkiezingen zullen lijden. Het enige argument dat Obama en de Democraten hebben is dat de economie onder Obama’s voorganger George W. Bush is geïmplodeerd. Gisteren werd duidelijk dat ‘Irak’ daarbij een belangrijk subthema wordt. De strategie is: Bush viel Irak lichtzinnig aan en betaalde niet voor de oorlog. Obama beloofde terugtrekken, kwam dat na, en drong de kosten terug. Kiest u maar, Amerika.

Directeur Bill Burleigh van Operation Stand Down praat nog altijd positief over Obama. Het centrum heeft veel profijt gehad van de president: het overheidsbudget voor veteranen is sterk verhoogd. Burleigh is zelf Irak-veteraan en werkt al dertien jaar in de opvang van dakloze oud-militairen. Moeilijk en dankbaar werk. Maar ook hij is moe. De oorlogen duren zo lang, zegt hij, je wordt er murw van. Dus toen hij gisteravond laat een telefoontje kreeg van deze krant, moest hij bekennen dat hij de hele toespraak had laten lopen. „Mijn vrouw had kippeborst gekocht. Ik heb de barbecue aangestoken er een fles wijn bij opengemaakt. Dat is toch veel aangenamer dan Obama?”