Economische banden Suriname ongestoord

De Nederlandse regering versobert de samenwerking met Suriname, nu Desi Bouterse is beëdigd als president. Stagiairs blijven echter welkom.

Ze zijn nog welkom in Suriname, de vele honderden Nederlandse studenten die er jaarlijks een stageplek zoeken. „Denk jij nou echt dat wij Nederlanders gaan discrimineren nu Desi Bouterse aan de macht is?”, zegt Marisca Blufpand van bemiddelingsbureau Stage in Suriname lachend door de telefoon. „Waarom zou hij zich met studenten gaan bemoeien? Bouterse is er voor de politiek.”

Blufpand bemiddelt voor tientallen Nederlandse verpleegkundigen en geneeskundigen in opleiding, studenten Sociaal Pedagogische Hulpverlening en pabo-studenten. Het zijn de studies waarvoor de meeste stageplekken in Suriname te vinden zijn.

Deze week werd bekend dat Nederland verschillende hulp- en samenwerkingsprojecten van politie en justitie in Suriname bevriest, in reactie op de verkiezing van Bouterse tot president. De ex-legerleider werd in Nederland tot elf jaar cel veroordeeld wegens drugshandel en wordt bovendien verdacht van een hoofdrol in de Decembermoorden van 1982. De nieuwe president is niet welkom in Nederland, behalve om zijn straf uit te zitten, luidt de officiële Nederlandse stellingname. Op zijn beurt heeft Bouterse in zijn inaugurale rede gezegd geen prijs meer te stellen op regeringscontacten met Nederland.

Maar dat is de politiek. Bouwbedrijf Ballast-Nedam, dat eerder de belangrijke Jules Wijdenboschbrug over de Surinamerivier bouwde en er ook plek heeft geboden aan Nederlandse stagiairs, zegt desgevraagd dat er „voor ons niets veranderd is op dit moment. We voeren de lopende projecten gewoon uit”.

Ook bij de Surinaamse krant De Ware Tijd, waar op dit moment twee studenten journalistiek werkervaring opdoen, zijn stagiairs nog welkom. Hoofdredacteur Meredith Helstone: „Bouterse heeft hier geen invloed op, bovendien is hij niet meer de dictator die hij in de jaren tachtig was. En de eerste klappen heeft hij in ons redactioneel commentaar al gehad.”

Oprichter Gijs Bodenstaff van Stageplaza, die op dit moment voor 36 studenten in Suriname bemiddelt, ziet ook geen afgenomen interesse vanuit Nederland. „Ik heb niet de indruk dat het bij studenten leeft, ze zien het niet als moreel probleem.”

Wel last van minder belangstelling heeft de Nederlander Pieter van der Grift, die samen met Peter van Huffel hotel-restaurant De Plantage runt in het district Commewijne ten oosten van Paramaribo. Hij ziet dat de zaken achterblijven in vergelijking met vorig jaar. „Dat zal zeker met de politieke ontwikkelingen te maken hebben. Maar het komt ook doordat Suriname zich uit de markt prijst.”

De verkoelde relaties betreffen duidelijk niet zozeer Suriname en Nederland, als wel Paramaribo en Den Haag. Zoals Harvey Naarendorp, de nieuwe stafchef van Bouterse, vorige week zei: „Hoe meer Nederlandse zakenmannen hier komen en hoe minder ambtenaren uit Nederland, hoe beter de relatie zal worden.”

Marisca Blufpand van Stage in Suriname heeft nog aanvragen lopen voor stageplekken tot en met 2011. „Je moest eens zien hoeveel blanken hier lopen, studenten en vakantiegangers. Ik zie geen verandering.”