Levensverwachting stijgt nog sneller

Versobering van de pensioenen is onontkoombaar nu uit de nieuwste cijfers blijkt dat Nederlanders veel ouder worden dan aanvankelijk werd verwacht. Werkgevers zullen de pensioenambities daarom snel moeten bijstellen.

Ook is doorwerken tot na 67 jaar niet uit te sluiten.

Dat zegt Rajish Sagoenie, directeur bij het financiële adviesbureau Aon Consulting. Zonder structurele maatregelen gaan de pensioenpremies verder omhoog. „Hoe het ook uitpakt, iedereen zal met minder genoegen moeten nemen”, aldus Sagoenie.

Gisteren maakte hij als voorzitter van het Actuarieel Genootschap in Utrecht bekend dat Nederlanders gemiddeld veel ouder worden dan aanvankelijk werd voorspeld. Volgens het Actuarieel Genootschap, de vereniging van verzekeringswiskundigen, stijgt de levensverwachting voor mannen die in 2050 worden geboren naar 85,5 jaar en voor vrouwen naar 87,3 jaar. In een eerdere prognose van het genootschap was dat 82,5 jaar en 84,3.

Het hoge tempo van de stijgende levensverwachting is een forse tegenvaller voor de pensioenfondsen, omdat ze op grond van deze berekeningen, die als leidraad gelden, meer geld voor gepensioneerden moeten reserveren. Voor een gemiddeld pensioenfonds zouden die verplichtingen volgens het genootschap 5 à 7 procent kunnen stijgen. Het pensioenvermogen van de 600 pensioenfondsen bedraagt omtrent 675 miljard euro.

Vooral pensioenfondsen met een ouder deelnemersbestand zullen de verplichtingen de komende maanden al moeten ophogen, voorspellen pensioendeskundigen op basis van de nieuwe berekeningen. Hoeveel zal echter uit eigen berekeningen moeten blijken, aangezien pensioenfondsen onderling sterk verschillen in opbouw van het deelnemersbestand.

De levensverwachting is de laatste twee decennia drastisch toegenomen en deze trend zet zich volgens het Actuarieel Genootschap voorlopig door, omdat mensen gezonder leven en profiteren van de medische vooruitgang. „Zonder meteen van een revolutie te spreken, wijst alles erop dat het langlevenrisico in onrustig vaarwater is terechtgekomen”, stelt het genootschap.

Daarom ontkomen werkgevers er volgens Sargoenie niet aan de pensioenambities blijvend te verlagen. Na de vorige beurscrisis rond de eeuwwisseling werd de pensioenambitie al bijgesteld door de uitkering te baseren op (maximaal) 70 procent van het middelloon in plaats van het laatst verdiende loon. Volgens Sagoenie ontkomen werkgevers er niet aan dit naar 65 of 60 procent te verlagen. De stijgende levensverwachting en de historisch lage rente maken structurele aanpassingen onvermijdelijk. Werkgevers en werknemers moeten dit volgens hem „eerlijk en duidelijk” aan de deelnemers laten weten.