Dreigen met chaos is een klassieker

De ‘preformateur’ in België wilde dit weekeinde zijn functies neerleggen. De koning weerhield hem ervan. Volgens sommigen was het slechts een doorzichtige poppenkast.

Maandenlang was er hard, maar prettig onderhandeld over een nieuwe regering in België. De voorzitters van vier Vlaamse en drie Franstalige partijen hadden niet tegen elkaar geschreeuwd, er was ook niet „getierd” , zei de leider van de Vlaams-nationalistische N-VA, Bart De Wever. „Dat is uitzonderlijk.”

Gisteren was alles weer normaal. De Franstalige politicus die de onderhandelingen leidt en van wie het de bedoeling is dat hij premier wordt, Elio Di Rupo, liet journalisten naar het Belgische parlement komen om naar zijn verklaring te luisteren: als de twee partijen die zijn compromissen afwijzen, de Vlaamse christen-democraten en de N-VA van De Wever, zich niet snel „redelijk” gingen gedragen, zou er politieke chaos ontstaan. Ze moesten gaan begrijpen, zei Di Rupo, dat ze anderen niet zomaar hun wil kunnen opleggen.

Hij had zondagavond willen ophouden met zijn onderhandelingsopdracht, maar de koning wilde dat hij doorging.

De Wever, die maandenlang in het openbaar had gezwegen, zei ’s avonds op televisie dat die politieke chaos inderdaad dreigde. Maar alleen als de Franstaligen bleven weigeren om de Belgische staat grondig te hervormen. Zíj moesten nu maar eens begrijpen dat het afgelopen was met het ‘chequeboekfederalisme’: dat de federale overheid opdraait voor de gevolgen van gebrekkig beleid in Brussel en Wallonië. De Vlaamse partijen eisen dat de gewesten (Vlaanderen, Wallonië, Brussel) meer verantwoordelijk worden voor hun inkomsten en uitgaven.

Bijna was er overeenstemming over zo’n ‘staatshervorming’. Maar het wantrouwen overheerste. Er stond niks op papier omdat Di Rupo bang was dat het akkoord dan zou uitlekken. De N-VA en de Vlaamse christen-democraten geloofden niet zomaar dat de Franstaligen zich aan de afspraken zouden houden.

Er waren meteen extra televisie-uitzendingen over de crisis. Kranten schreven over de ‘koude oorlog’ tussen De Wever en Di Rupo. De partijen waren ‘op ramkoers’. Maar hoe ernstig is de crisis nou echt?

Het was vreemd geweest, zegt bijvoorbeeld de Vlaamse politicoloog Carl Devos, als er nu géén moeilijkheden waren. De ruzies, het vastlopen van de gesprekken, de verwijten – volgens hem hoort het er allemaal bij. Als het te makkelijk gaat, had je ook wel méér kunnen bereiken. Als het niet eerst helemaal vastloopt, zal je achterban niet zomaar begrijpen dat je – uit verantwoordelijkheidsgevoel – concessies hebt moeten doen. „En het dreigen met politieke chaos is een klassieker in België. Dat doen we heel vaak.”

De koning deed mee aan het drama. Hij gaf Di Rupo zondagavond opdracht om ook met de werkgevers en de vakbonden te praten. „Om de indruk te wekken dat iedereen die ertoe doet in dit land, nu aan het onderhandelen is”, zegt Devos. „Alleen jammer dat het zo doorzichtig was. Het is echt poppenkast dat je speelt.”

De Franstalige politicoloog Jean Faniel denkt ook dat het deze week wel onrustig móést worden in de onderhandelingen. Afgelopen weekend was de IJzerbedevaart, de jaarlijkse bijeenkomst van Vlaamse nationalisten. Komend weekend is de Gordel, het jaarlijkse fietsfeest waar ook altijd Vlaamse politici aan meedoen: ze fietsen door de randgemeentes van Brussel waarvan Vlamingen zeggen dat die dreigen te ‘verfransen’. „Dit is een lastige tijd voor de Vlamingen om akkoord te gaan met een compromis.”

Maar de Franstaligen, zegt Faniel, vinden dat ze al heel ver zijn gegaan door ermee in te stemmen dat gewesten meer bevoegdheden krijgen – van hen hoeft die hele staatshervorming niet. „En toch gaan de Vlamingen door met eisen stellen. Het idee heerst: dan moeten we er maar mee stoppen.”

Zijn Vlaamse collega Dave Sinardet, politicoloog in Antwerpen, denkt dat de crisis van nu toch ernstiger is dan je zou denken in een land met veel politieke onrust, op een moment dat een impasse er misschien bij hoort. „De komende dagen zullen het uitwijzen, maar ik heb het gevoel dat er een fundamentele vertrouwensbreuk is. Ook inhoudelijk.”

Sinardet noemt het Franstalige idee dat het voor De Wever maar nooit genoeg lijkt te zijn en de Franstalige overtuiging dat het over de economie zou moeten gaan. En denk, zegt hij, ook aan de links-rechts tegenstelling. „Er moet flink bespaard gaan worden. De N-VA staat dan lijnrecht tegenover de SP.A en Groen.”