Sanofi zet Genzyme onder druk

Het Franse farmaceutische concern Sanofi zet het Amerikaanse biotechbedrijf Genzyme verder onder druk om te zwichten voor zijn overnamebod. Sanofi maakte gisteren bekend dat het 18,5 miljard dollar (14,5 miljard euro) over heeft voor het bedrijf uit Boston. Als Genzyme dat afwijst, overweegt Sanofi direct naar de aandeelhouders te stappen.

In een open brief aan Genzyme-topman Henri Termeer schrijft bestuursvoorzitter Chris Viehbacher gefrustreerd te zijn dat deze niet bereid is om serieus over een overname te praten. De twee bedrijven zijn sinds juni met elkaar in gesprek, maar volgens Viehbbacher weigert Genzyme „constructieve discussies aan te gaan”.

Het bod van Sanofi biedt met 69 dollar per aandeel de aandeelhouders een premie van 38 procent bovenop de koers voordat geruchten over de gesprekken uitlekten. Afgelopen vrijdag sloot het aandeel Genzyme op 67,2 dollar. Volgens Amerikaanse media wil Genzyme pas verder praten als Sanofi meer op tafel legt. Analisten hebben een mogelijke overnameprijs ingeschat op 73 tot 83 dollar.

Het Franse concern is zeer gebrand op een overname omdat het steeds minder kan verdienen aan zijn succesmedicijnen en onvoldoende nieuwe medicijnen in de pijplijn heeft. Genzyme is sinds 1983 groot gemaakt door de Nederlander Henri Termeer en heeft zich gespecialiseerd in de behandeling van erfelijke en vaak zeldzame ziektes. Het bedrijf hoopt binnenkort toestemming te krijgen om de medicijnen Campath tegen multiple sclerose en mipersomen voor cholesterol op de markt te brengen.

Genzyme zag sinds 2008 zijn waarde dalen na problemen in de productie, waarbij het op last van de overheid zelfs één fabriek moest sluiten en een boete kreeg van 175 miljoen dollar.