'Kunst heeft geen vet op de botten'

Bezuinigen op kunst kan alleen als er ingrijpende keuzes worden gemaakt, stelt Bureau Berenschot. Bezuinigen met de kaasschaaf werkt niet.

De economische waarde van kunst en cultuur in Nederland is 70 miljard euro per jaar. Dat berekende onderzoeker Bastiaan Vinkenburg van Bureau Berenschot. Berenschot voert elk jaar een onderzoek uit naar de kunstsector, voorafgaand aan een debat in Paradiso als afsluiting van de Uitmarkt in Amsterdam. Dit jaar ging dat debat over de economische waarde van kunst en cultuur voor Nederland.

De helft van die 70 miljoen wordt verdiend door de toeristische sector, becijferde Berenschot. Museumbezoekers geven en passant veel geld uit aan hotels, horecabezoek en winkelen. De kunstbeurs Tefaf bijvoorbeeld brengt Maastricht jaarlijks 20 miljoen extra aan omzet. Directeur Jos Vranken van het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen, spreker bij het debat, beaamde dat toeristen naar Nederland komen voor het culturele aanbod „en niet voor de goede hotels”.

In de gesubsidieerde kunst gaat 5 miljard euro per jaar om, waarvan 37 procent bestaat uit eigen inkomsten en 19 procent uit rijkssubsidies. De rest van het geld zijn subsidies van gemeenten en provincies. Volgens Berenschot heeft de sector weinig mogelijkheden om de baten te verhogen, maar het verlagen van de lasten is zo mogelijk nog moeilijker. „Er zit echt geen vet op de botten van de culturele instellingen.”

Alleen het schrappen van culturele activiteiten levert wat op, „maar daarvoor zijn de kunstinstellingen nou juist op aarde”. Meer dan 5 tot 10 procent valt daar ook niet te halen – te weinig als er 20 procent op de kunstsector moet worden bezuinigd. „Bezuinigen met de kaasschaaf werkt niet. Er moeten keuzes gemaakt worden. Niet hakken maar kiezen.”

Vijf Tweede Kamerleden en één oud-Kamerlid waren uitgenodigd om vooruit te blikken op de op handen zijnde bezuinigingen. Nicolien van Vroonhoven (CDA), nu gemeenteraadslid in Den Haag, hield haar kaarten tegen de borst, zodat ook bij dit debat niet duidelijk werd wat de CDA-inzet op cultuurgebied is aan de formatietafel. Wel noemde Van Vroonhoven voor het eerst het bedrag dat haar partij op cultuur wil bezuinigen: 60 miljoen euro. „Maar er wordt nog onderhandeld.”

Ook Mark Harbers (VVD) weigerde „te lekken” over de formatiebesprekingen. Maar hij ziet genoeg mogelijkheden om te bezuinigen op cultuur. Niet alleen willen de liberalen de kunstenaarsuitkering WWIK en de cultuurkaart afschaffen, ook moet er volgens Harbers worden gekeken of Nederland toekan met minder orkesten. Daarnaast kunnen de prijzen van kaartjes omhoog.

Het argument dat kunst en cultuur belangrijk zijn voor de economie kon hem niet overtuigen. „Ik woon zelf in Rotterdam en kunst en cultuur zijn zeker belangrijk voor de stad, maar het verbreden van de A15 is voor de economie nog veel belangrijker.”