Fed bestrijdt de verkeerde ziekte

Voorzitter Ben Bernanke van de Federal Reserve (de Fed, het Amerikaanse stelsel van centrale banken) heeft vrijdag tijdens zijn toespraak in Jackson Hole gezegd dat hij een eventuele deflatiedreiging zou bestrijden. Het tekort op de federale begroting werd door hem echter genegeerd. Zelfs Japan heeft nog geen aanhoudende deflatie ondergaan, terwijl het Amerikaanse begrotingstekort op een recordniveau blijft. De diagnose van Bernanke en de door hem voorgestelde behandeling van een spookziekte zullen waarschijnlijk geen snellere groei opleveren.

Sir Ralph Bloomfield Bonington, de kwakzalver in ‘The Doctor’s Dilemma’ van George Bernard Shaw, bood één alomvattende kuur aan voor alle mogelijke ziekten: ‘stimuleren van de fagocyten.’ Op dezelfde manier lijkt Bernanke nu de anti-deflationaire behandeling die de Fed in 1930-’32 had moeten toepassen te beschouwen als een geschikte remedie voor alle latere economische kwalen.

Het voorbeeld dat gewoonlijk wordt gebruikt ter illustratie van het deflatiegevaar is het hedendaagse Japan, dat sinds het barsten van de plaatselijke vastgoedzeepbel in 1990 voortdurend te kampen heeft gehad met een klimaat van recessie. Maar Japan heeft op de langere termijn geen echte deflatie ondergaan, slechts een situatie waarin de prijzen stabiel zijn gebleven. Als de Japanse index van consumentenprijzen in 2005 op 100 wordt gesteld, was het niveau in 1992 98,9 en in 2010 99,2.

Waarschijnlijker is dat het aanhoudende begrotingstekort van Japan een grotere bijdrage heeft geleverd aan de problemen. Dit tekort is nog verder opgelopen door talloze zogenaamde stimuleringsprogramma’s, waarbij vooral veel geld over de balk is gegooid. Daardoor is de schuld van het land nu gestegen naar 217 procent van het bruto binnenlands product, een alarmerend hoog peil.

In zijn toespraak van vrijdag was de enige verwijzing van Bernanke naar een of ander soort begrotingstekort zijn opmerking dat „veel landen geconfronteerd worden met de uitdaging hun bestedingen onder controle te brengen.” Hij zou veel meer kunnen hebben gezegd over het specifieke Amerikaanse probleem, zelfs op deze conferentie voor centralebankiers in Jackson Hole. In de editie van 2004 van deze zelfde conferentie had zijn voorganger Alan Greenspan zijn verhaal immers opgeluisterd met een lange uiteenzetting over de financiële lasten op de langere termijn van de sociale uitkeringen en de kosten van de gezondheidszorg– een probleem dat sindsdien is verergerd.

Bernanke heeft op diverse manieren aangegeven hoe de Fed het monetaire beleid nog verder zou kunnen versoepelen als deflatie de kop zou opsteken, en hij eindigde zijn betoog met de verzekering aan zijn gehoor dat „de voorwaarden voor het aantrekken van de groei in 2011 niet zijn veranderd.”

De Verenigde Staten hebben op dit moment echter geen last van deflatie. De bbp-cijfers van het tweede kwartaal lieten zien dat de prijzen stijgen, terwijl de inflatie van consumentenprijzen in juli 0,3 procent bedroeg. Het land heeft daarentegen wel een enorm begrotingstekort. Met zijn medicijnen wil de voorzitter van de Fed dan ook de verkeerde ziekte bestrijden.