Buienradar

W ie gaan we voortaan meer raadplegen: onze partner, onze chef, onze psychiater of de buienradar?

Ik houd het op de buienradar. Veel mensen kúnnen al niet meer zonder, heb ik gemerkt. Een paar dagen geleden nog, een jonge vrouw die in een Amsterdamse winkelstraat van haar fiets stapt en tegen een vrouw die op haar staat te wachten zegt: „Ik dacht eerst nog: zal ik met de tram of met de fiets gaan, dus ik kijk even op de buienradar: voorlopig geen buien.” En inderdaad, ze was kurkdroog gearriveerd.

De buienradar als het nieuwe orakel van Delphi – gaat dat niet een beetje te ver? Er zijn zeker voordelen aan verbonden. In weerkundig opzicht waren we altijd veroordeeld tot het Journaal, Teletekst en de krant. Die lieten het, met een flinke slag om de arm, vriezen of dooien en als er niks van klopte, hoorde je ze daar de volgende dag niet meer over. Hoeveel verdriet en leed hebben ze op die manier wel niet veroorzaakt?

De afgelopen (ja, bijna alweer afgelopen!) zomer nog. Het was een mooie middag in Zandvoort, we hadden een vol strand verwacht, maar het was opmerkelijk stil. Zou het misschien te maken hebben met de weerberichten die matig weer hadden voorspeld? Jazeker, zei een teleurgestelde strandtentexploitant, hij kon de gevolgen van zulke weerberichten onmiddellijk merken.

Wij echter hadden ’s morgens op internet voor het eerst de buienradar geraadpleegd en die was reuze positief geweest over de middag. De buienradar geeft niet alleen een voorspelling voor de komende dagen, maar ook voor de eerste drie uur vanaf het moment van raadpleging. Er hingen wel buien in Zuid-Holland, maar die zouden net op tijd afbuigen in de richting van Utrecht, waar ze wat mij betreft van harte welkom waren.

Kortom, als iedereen zich die dag tot de buienradar had gewend, was het druk op het strand geweest. Toen dat tot me doordrong, was mijn eerste reactie dan ook dezelfde als die van die fietsende vrouw in Amsterdam: voortaan kijken we elke keer voor we weggaan even op de buienradar. Dan hoef je die lastige paraplu of te warme regenjas alleen nog maar mee te nemen als het echt nodig is.

Buienradar zal wel niet feilloos zijn, maar dat is Erwin Krol nog minder.

De nadelen zag ik pas toen ik er wat langer over nadacht. Dat is het bezwaar van nadenken: het voert je doorgaans eerder naar nadelen dan voordelen. Als we niet uitkijken, gaat die buienradar ons in ons uitgaansgedrag van iedere vorm van spontaniteit beroven. We durven nooit meer enig risico te nemen, we worden angstige burgers.

„Gaan we weg of blijven we thuis?”

„Laten we eerst even op de buienradar kijken.”

„Maar het is toch geen ramp als we een beetje nat worden?”

„Je laat je toch niet zeiknat regenen als het niet nodig is?”

Zo ontstaan er al verhitte discussies nog voor er één stap buiten de deur is gezet. Ik voorzie echtparen die geprikkeld besluiten de dag gescheiden door te brengen: de een blijft thuis, de ander „neemt het risico” terwijl hij of zij zich afvraagt of deze ontwikkeling misschien symbolisch is voor deze relatie.

Samen schuilen in bos of duin onder een te kort zeiltje – het zal helemaal in onbruik raken. De buienradar zal het Nederlandse volk, dat toch al zo onzeker is geworden, nog verder ontwrichten.