Veranderd verkoudheidsvirus kan kankercellen aan

Pogingen om kanker te bestrijden met gemuteerde virussen die kankercellen infecteren en gezonde cellen sparen, hadden tot nog toe weinig resultaat. Gezonde cellen werden toch nog aangetast. Onderzoekers van het Salk Institute in La Jolla weten nu hoe dit komt. De gebruikte adenovirussen blijken over veel geraffineerdere infectiemechanismen te beschikken dan werd gedacht. Door deze uit te schakelen wordt het virus pas echt onschadelijk voor gezonde cellen. De zogeheten oncolytische behandeling van kanker krijgt hierdoor nieuwe kansen (Nature, 26 augustus).

De oncolytische behandelstrategie is gericht tegen tumoren waarin het p53-gen is gemuteerd. Dit is zo in ongeveer de helft van alle kankers. P53 codeert voor een zogeheten transcriptiefactor, een eiwit dat de activiteit van een of meer andere genen beïnvloedt, in dit geval om genen die betrokken zijn bij de celdeling, de apoptose en de genetische stabiliteit. Het gen komt pas in actie als het nodig is, bijvoorbeeld als het DNA van een cel beschadigd is. Het zal dan proberen de schade te herstellen. Lukt dit niet dan zorgt p53 ervoor dat de cel door middel van apoptose te gronde gaat.

Ook bij virusinfecties werkt p53 niet goed, echter niet doordat het gen gemuteerd wordt, maar doordat het p53-eiwit onschadelijk wordt gemaakt. Adenovirussen, normaal vrij onschuldige verkoudheidsvirussen, produceren hiervoor het eiwit EB1-55K, dat het p53-eiwit bindt. Een virus waarin dit eiwit ontbreekt kan gezonde cellen wel infecteren, maar p53 richt de geïnfecteerde cel te gronde vóór het virus zich erin vermenigvuldigt. De schade blijft dus beperkt. Op grond hiervan dacht men dat adenovirussen zonder EB1-55K kankercellen met gemuteerd p53 zouden kunnen vernietigen en gezonde cellen zouden sparen. Immers, in die kankercellen heeft het virus dit eiwit niet nodig. Dergelijke virussen zijn zo’n tien jaar geleden uitgeprobeerd bij kankerpatiënten, maar de resultaten vielen tegen. De behandeling wordt alleen in China toegepast. De onderzoekers in La Jolla ontdekten dat adenovirussen nog een tweede eiwit, E4-ORF3 genaamd, produceren dat de werking van p53 saboteert. Niet door aan dit eiwit te binden, maar door binding aan een groot aantal genen die normaliter door p53 worden geactiveerd. Virussen waarin de genen voor beide eiwitten ontbreken, blijken in celkweken wel de gewenste werking te hebben.

Huup Dassen