tijd met een aanloop

Sean Carroll From Eternity to Here: The Quest for the Ultimate Theory of Time ISBN 978-0-525-95133-9, 438 pagina’s prijs 27 euro

‘Tijd is de oplossing die moeder Natuur heeft verzonnen om te voorkomen dat alles tegelijk gebeurt.” Zo beantwoordde de Amerikaanse natuurkundige John Archibald Wheeler ooit de vraag die filosofen én wetenschappers al meer dan tweeduizend jaar bezighoudt: wat is tijd?

Voor natuurkundigen is het grootste raadsel hoe de tijd een richting krijgt: volgens de natuurwetten zijn op microscopisch niveau alle processen volledig omkeerbaar, maar als je gele vla en yoghurt eenmaal hebt gemengd, is het onmogelijk ze weer uit elkaar te halen. Dat heeft alles te maken met het begrip entropie, een maat voor de wanorde van een systeem. Die entropie moet altijd groter worden. Dat is de Tweede Hoofdwet van de Thermodynamica, een begrip dat volgens C.P. Snow elk cultureel onderlegd mens paraat zou moeten hebben.

Dat mag zo zijn, maar waarom entropie altijd toeneemt en vooral waarom ons heelal dus is ontstaan in een toestand van heel lage entropie is een nog altijd onbeantwoorde vraag. Natuurkundige Sean Carroll denkt de oplossing te weten en schreef daar een aardig boek over.

Om tot de kern te komen heeft hij wel een flinke aanloop nodig, die de lezer zowat de hele moderne natuurkunde doorvoert. Via Einsteins relativiteitstheorie—waarin het begrip ruimtetijd werd geïntroduceerd—en de quantummechanica komt hij uiteindelijk op de meest recente kosmologische theorieën. Hij beschrijft de theorie van donkere energie die de uitdijing van ons heelal veroorzaakt en het idee van een ‘multiversum’, volgens welk ons heelal slechts een deel is van een veel groter geheel dat alle ruimte en tijd omvat.

In Carrolls betoog vormt de tijd een bindend element en dat is een slimme truc om al die verschillende onderwerpen toch tot een coherent geheel te laten samensmelten. Daarmee is het boek meer dan een flink uitgewerkt artikel voor belangstellende leken. Carroll heeft bovendien veel fictie gelezen die hij op allerlei manieren in zijn verhaal verwerkt, zoals romans van Nicholson Baker, Kurt Vonnegut en Martin Amis, die allemaal met het begrip tijd spelen en dus mooi illustratiemateriaal vormen. En dan maakt het eigenlijk niet eens zoveel uit dat ook Carroll uiteindelijk het echte antwoord schuldig moet blijven. Rob van den Berg