Pronken met andermans vacht

Wetenschapspagina 14-08-10

Het artikel van Dirk Vlasblom herinnerde mij aan de vijftiger jaren van de vorige eeuw toen ik met een collegamissionaris de pastorale zorg had voor onder andere enkele zeer geïsoleerde dorpjes in de bergen van het eiland San Cristoval (Makira) in wat toen de British Solomon Islands heetten (ten oosten van het toenmalige Australische Nieuw Guinea). Die dorpjes hadden zich in de dertiger jaren aangesloten bij de Katholieke Kerk, maar onze Franse voorgangers hadden zich wijselijk nooit bemoeid met de plaatselijke mode. Voor de gehuwde dames bestond die uit een grasrokje en voor de ongehuwde meisjes uit gewoon niets. De oeroude gewoonte wekte, zoals Vlasblom terecht zegt, geen bijzondere emoties en wij tweeën, de enige buitenstaanders die daar ooit doordrongen, waren er ook aan gewend. Enkele jonge mannen in de dorpjes hadden de missieschool bezocht, konden lezen en schrijven in de plaatselijke taal en drongen er op aan dat die mogelijkheid ook aan de meisjes gegeven zou worden. Na lang en rijp beraad hadden enkele ouders ingestemd en ik zou ze bij mijn volgend bezoek meebrengen. De zusters die de leiding hadden van de school (een Franse en een Australische) gaven mij enkele kleurige rokjes mee voor de betreffende jonge dames. Nadat ik enkele dagen in de dorpjes was geweest kwam de grote dag dat de drie meisjes (ongeveer 14 jaar) met mij zouden afdalen naar de kust en de missiestatie. De drie huppelden opgewekt babbelend voort, terwijl ik alle moeite had ze bij te houden, glibberend in het regenwoud, steile hellingen afklauterend en door bergstroompjes wadend. Toen we – na een uur of zes - de omheining van de missiestatie bereikten was het moment gekomen dat ik drie leuke rokjes uit mijn rugzak tevoorschijn haalde en de jonge dames uitnodigde die maar aan te trekken. Ze keken me ontzet aan. Nee toch! Na mijn vaderlijke aanmoediging stapten ze toch maar in hun rokjes. Het giechelen was even afgelopen en een van hen zuchtte: ‘ik voel me zo beschaamd!’

Dr. Jan Snijders

Hulst