Amateur in mijnenveld

Wetenschapsbijlage, 14-08-10

Zodra de rechter wordt geconfronteerd met een (natuur)wetenschappelijke vraag, voelt hij zich een amateur in een mijnenveld. De rechtenstudie is langzamerhand verengd tot een eendimensionale opleiding waarin alleen nog plaats is voor intensieve training in juridische dogmatiek en verwerving van zo veel mogelijk gespecialiseerde – en snel verouderende – kennis op allerlei bijzondere rechtsgebieden. Hetzelfde geldt voor de selectie en opleiding voor de togaberoepen (rechterlijke macht en advocatuur). De oorzaken van deze verenging zijn divers. Gewezen kan worden op de toegenomen complexiteit van wetgeving en jurisprudentie en de verkorting van de studie van vroeger vaak 6 jaar tot de bama-structuur van 4 jaar. Met de invoering van nog meer colleges rechtstheoretische en bijzondere forensische vakken gaan we verder op de verkeerde weg. In plaats daarvan moeten juridische studenten leren enige bètasensitiviteit te ontwikkelen. Het gaat er niet om dat zij meer te weten komen van natuurkunde, scheikunde en biologie, maar dat zij vertrouwd worden gemaakt met de grondbeginselen van wetenschapsleer. Tot de onmisbare bagage van nagenoeg alle andere academici behoren de ideeën van wetenschapsfilosofen als Popper, Latour, Feyerabend en Nowotny. Wie herinnert zich uit zijn studententijd niet de verhitte discussies tussen fysici, taalwetenschappers en psychologen over falsificatie van hypotheses en voortschrijdend inzichten te danken aan het conflictueuze wetenschappelijke debat, over methoden en technieken en over maatschappelijk robuuste wetenschap? Juristen weten zich tot nu toe steeds te verschuilen achter spitsvondige zorgvuldigheids- en motiveringseisen of vragen nog eens advies aan weer een andere deskundige. Maar wie iets weet van elementaire wetenschapleer kan een stap verder zetten. Hij is veel beter in staat te begrijpen wat deskundigen zeggen over de betrekkelijkheid van de aannames waarop een model is gebaseerd, de manipulatie van variabelen, de validiteit van een hypothese en de mate waarin een theorie door de vakgenoten wordt geaccepteerd. Hij kan niet alleen googlen maar ook (natuur)wetenschappelijke informatie naar waarde schatten. Voor juridische professionals is er maar een weg door het gesignaleerde wetenschappelijke mijnenveld: zij moeten al vroeg in hun studie kennis maken met elementaire wetenschapsfilosofie. Na hun afstuderen hebben zij daarvoor geen tijd meer.

Mr. I. Sewandono

universitair docent vaardighedenonder

wijs, Open Universiteit