VN: In kleine strafzaken weigert Nederland hoger beroep 'te makkelijk'

rechtbankAdvocaat Willem Jebbink uit Amsterdam heeft zijn punt binnen. Veroordeelden in kleinere strafzaken wordt in Nederland te makkelijk hoger beroep  geweigerd. Het mensenrechtencomité van de VN in Genève is hem bijgevallen. Of ‘Den Haag’ de wet maar wil aanpassen.In deze  uitspraak met persbericht krijgt het demissionaire kabinet een tik op de vingers voor een wet uit 2007 waarin het strafproces werd ‘gestroomlijnd’. Burgers die het niet eens zijn met boetes tot 500 euro en celstraffen tot maximaal vier jaar mogen pas in hoger beroep als de president van het Gerechtshof dat goed vindt. De maatstaf: alleen als het ‘belang van een goede rechtsbedeling’ ermee is gediend.

Volgens Jebbink is het aantal zaken in hoger beroep sindsdien met de helft verminderd. Namens een demonstrant die in 2007 mondeling, zonder schriftelijke motivering achteraf, tot 200 euro werd veroordeeld diende hij een klacht in. Het comité is het grotendeels met hem eens. Lees daarover op p. 10 van het pdf-document de overwegingen 8.2 en 8.4. Nederland wordt ‘uitgenodigd’ de wet te herzien en herhaling in de toekomst te voorkomen. Lees hier het bericht.

Interessant is dat er bij de uitspraak ook een dissenting opinion is gepubliceerd, op p. 12 - een afwijkende mening. Daarin zegt één van de leden van het comité, de Zweed Krister Thélin, dat Jebbink gezien zijn klachtschrift helemaal niet gehinderd was door de mondelinge uitspraak en de summiere motivering. Dat in Nederland niet ‘iedereen’ het recht heeft, zoals het verdrag wil, om in hoger beroep te gaan is wel duidelijk zegt Thélin. Het gaat er volgens hem om of de beperking die in Nederland bestaat desalniettemin een verdachte ‘voldoende garanties’ biedt om toch in hoger beroep te komen. En Thélin beoordeelt de verlofbeslissing van het Haagse gerechtshof anders. Er was wél sprake van een inhoudelijke behandeling van de zaak, waarbij zowel de feiten als het recht zijn beoordeeld.

Uitspraken van het comité zijn niet bindend, maar hebben wel invloed. Bijvoorbeeld op het Europese Hof voor de rechten van de mens in Straatsburg. Daar ligt ook een klacht over een geweigerd hoger beroep van een Nederlandse advocaat. En die uitspraken zijn wel bindend. Advocaten Jan Boksem en Tjalling van der Goot van het Friese kantoor Anker en Anker dienden in maart vorig jaar een klacht in namens twee vrouwen die hun buurvrouw zouden hebben beledigd. Ze kregen een boete van 100 euro, waarvan 50 euro voorwaardelijk en een proeftijd van twee jaar. Lees hier het bericht. Ook lichte zaken verdienen serieuze rechtspraak, zegt het duo, dat vermoedt dat de beslissing om hoger beroep te weigeren met ‘de natte vinger’ is genomen.

In deze masterscriptie van Laura Hofman van de Universiteit van Tilburg wordt op pagina 71 voorspeld dat ‘Straatsburg’ het met Genève eens zal zijn. Als dat gebeurt, moet een nieuw kabinet reparatie wetgeving indienen. Hofman vindt dat de wet onvoldoende duidelijk maakt wat nu precies bagatelzaken zijn. Dat ook misdrijven daaronder zouden kunnen vallen is vooral bezwaarlijk.  Het verlofstelsel zou alleen voor overtredingen moeten gelden, meent zij.

Jebbink schreef  in 2008 in Delikt en Delinkwent dit artikel: Verlofstelsel in strafzaken: schijnrechtspraak in strijd met het IVBPR, Delikt en Delinkwent, p. 849-864 dat helaas niet online staat.

Wat vindt u? Moeten ook misdrijven waarop tot vier jaar cel staat van hoger beroep uitgesloten blijven?

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding. Geen initialen, geen pseudoniemen, niet alleen voornamen.