Onder de dieren

Zal Verhagen het redden? Gaat de vos het winnen van de olifanten? De olifanten hebben veel invloed, maar de vos heeft de macht – laten we dat vooral niet vergeten.

Maar even daarvan afgezien: wat valt er eigenlijk nog te redden?

„Wacht het resultaat maar af”, roepen de CDA-onderhandelaars met hun voorzitter aan het einde van elke werkdag die ze samen met Wilders en Rutte hebben moeten doorbrengen. (Tien uur per dag met Wilders in één kamer – de politiek is een keihard vak.) Maar die voorzitter moest gisteravond in een tv-programma nog eens expliciet toegeven dat Wilders niet zijn handtekening zal zetten onder een akkoord waarin de islam als een godsdienst wordt aangemerkt.

Exit godsdienstvrijheid.

De oude olifanten zullen dat niet kunnen accepteren na alles wat ze erover gezegd en geschreven hebben. Voor de jongere olifanten in de CDA-fractie ligt dat anders. Zij kunnen wel achter de oude slurven gaan staan, maar stel je voor dat de vos het toch redt!

Zo begint de Haagse politiek steeds meer op een dierentuin te lijken waaruit de oppassers zijn verdwenen. De hekken tussen de hokken zijn neergehaald, ieder dier vecht voor zichzelf – met een verwilderde blik in de ogen.

Zelf zit ik, als zovelen, in een grote, gesloten stal op een aangrenzend terrein. Wij zijn de kippen met kop die overal buiten worden gehouden. Wat wil ik? Een kabinet met gedoogsteun van de PVV lijkt me een vloek voor Nederland. Maar ik ben ook stukjesschrijver en heb daarvoor voer nodig, veel voer. Wat kan ik me dan nog meer wensen dan een kabinet met de PVV als gedoger?

De premier geeft zijn wekelijkse tv-interview.

Wilders: „Hij had weer weinig te melden. Een zeurpiet? Eerder een ouwehoer. Het wordt tijd dat hij eens wat dóét. Wanneer beginnen we nou met die etnische registratie? Waarom kunnen er nog steeds moslims dit land binnenkomen? Kan die koran nou eens eindelijk uit de boekwinkels verdwijnen? En wanneer mag het leger de orde herstellen in die Vogelaarwijken?”

De koningin houdt haar troonrede.

Wilders: „Wat een vervelend mens is dat toch. Altijd dezelfde slaapverwekkende verhalen, voorgekauwd door die linkse elite waar ze zo dol op is. Deze rede zal wel weer door Geert Mak zijn geschreven. Kan dat niet eens afgelopen zijn? Wég met die hele hofkliek. We gaan er een president neerzetten, en ik weet een goeie kandidaat.”

President Obama komt op bezoek.

Wilders: „Waarom leggen wij de loper uit voor dat islamvriendje? Yes we can! Ja, wat kan hij eigenlijk? Moskeeën aanleggen bij Ground Zero, dealen met de Taliban, met meel in de mond met Hamas praten. Hij mag hier met Cohen komen theedrinken en dan: wegwezen.”

Kijk, het mag natuurlijk niet – maar hier verheug ik me op. Als Nederlands staatsburger huiver ik, maar als columnist loopt me het water in de mond. In de jaren zeventig las ik altijd de columns van Art Buchwald in de International Herald Tribune. Toen Nixon als president aan zijn tweede termijn begon, beleefde Buchwald de mooiste tijd van zijn leven, uitmondend in een boekje columns met als titel de fameuze uitspraak van Nixon: „I am not a crook”.

Ik vertrouw erop dat Wilders mij aan een minstens zo treffende titel kan helpen. „Ik hou van moslims.” „Ik ben geen racist.” Zoiets.