Gevluchte zakenman Nadir terug in Londen voor proces

Hij geldt als een van de beroemdste voortvluchtigen voor de Britse justitie – en gisteren werd hij als een held binnengehaald omdat hij in Londen terugkeerde. In een gehuurde Airbus en met Sky-televisie aan zijn zijde. Asil Nadir (69), grondlegger van het eens machtige concern Polly Peck, moet zich 17 jaar nadat hij het Serious Fraud Office het nakijken gaf door naar Turks Cyprus te vluchten, alsnog voor een rechtbank verantwoorden voor een vermeende fraude van 34 miljoen pond (41,5 miljoen euro).

Ooit de lieveling van de City, in de jaren tachtig de steenrijke verpersoonlijking van „pakken wat je pakken kunt” – binnenkort gereduceerd tot een verdachte met een elektronische enkelband, die zijn adres in Londen niet mag verlaten. Als hij dat lot niet zou moeten dragen in een appartement met een huur van 20.000 pond per maand in de dure wijk Mayfair, zou het bijna tragisch zijn.

Nadir, een Turks-Cyprioot van afkomst, is naar Londen teruggekeerd na lange onderhandelingen tussen zijn advocaten en de Britse justitie. Zelf ontkent hij dat er met het Serious Fraud Office (SFO) een deal is gesloten; hij komt terug voor „een eerlijk proces”. In feite is duidelijk dat Nadir toenemend last had van het feit dat hij na zijn vlucht opgesloten zat in Turks Cyprus. Dat heeft geen uitleveringsverdrag met het Verenigd Koninkrijk.

Nadir klom in Londen op van voddenman tot eigenaar van een imperium dat reikte van Del Monte-fruit tot textiel en Russell Hobbs elektrische apparatuur. Polly Peck was op zijn hoogtepunt 2 miljard pond waard en Nadir was een van de rijkste mensen in Groot-Brittannië. Zijn neergang begon toen het SFO in 1990 een inval deed in zijn kantoren omdat het vermoedde dat Nadir 34 miljoen pond van Polly Peck had gesluisd naar privérekeningen in het buitenland. Nadirs reputatie kelderde, Polly Peck stortte in.

In 1993, enkele maanden voor hij zou moeten terechtstaan, vluchtte Nadir, heimelijk met een privévliegtuigje. Nadir zegt nu dat hij wel moest vluchten omdat hij zich destijds „te ziek” voelde om terecht te staan.