Amerikaanse kunst in vele Nederlandse musea

Zou het toeval zijn dat er het komende seizoen zoveel Amerikaanse kunst te zien is in de Nederlandse musea? Dat Ann Goldstein, de nieuwe Amerikaanse directeur van het Stedelijk Museum naast een aantal Nederlandse kopstukken vooral Amerikanen heeft uitgekozen voor haar eerste tentoonstelling Taking Place, is nog wel begrijpelijk. Kunstenaars als Louise Lawler, Diane Thater, Lawrence Weiner, Barbara Kruger en William Leavitt horen al jaren tot haar inner circle. Maar ook haar Nederlandse collega’s kiezen dit nieuwe seizoen massaal voor grote namen uit de Verenigde Staten.

Zo opent 3 september een tentoonstelling van de Amerikaanse componist John Cage in museum Schunck in Heerlen en wijdt het Rijksmuseum in Twente vanaf 11 september een expositie aan de abstracte Amerikaanse kunst uit de periode 1958-1968 – de tijd dat kunstenaars als Frank Stella en Kenneth Noland hun koele kleurvlakken op doek vastlegden.

Het Singer Museum blikt vanaf 17 september met de tentoonstelling Dutch Utopia terug op de periode 1880-1914, toen honderden Amerikaanse kunstenaars hun inspiratie in Nederland kwamen halen, met idyllische heidegezichten en dromerige bollenvelden van schilders als William Merritt Chase en John Singer Sargent als resultaat.

Het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam beleeft ook een Amerikaanse nazomer, met vanaf 18 september de geënsceneerde foto’s van Duane Michals en vanaf 2 oktober de rauwe snapshots van Nan Goldin. En op het gebied van de hedendaagse kunst belooft de tentoonstelling Live and Die Like a Lion, met tekeningen van schilder Leon Golub, een hoogtepunt te worden. Golubs harde, maatschappijkritische beelden zijn maar zelden in Nederland te zien, maar museum Het Domein is erin geslaagd ze naar Sittard te halen – vanaf 22 januari.

De schilder Georg Grosz (1893-1953), geboren in Berlijn als Georg Ehrenfried Groß, emigreerde in 1933 naar Amerika en veranderde uit liefde voor zijn nieuwe thuisland zijn naam en nationaliteit. Museum de Fundatie in Zwolle toont vanaf 5 september een overzicht van Grosz’ werk, waaronder veel satirische tekeningen uit zijn Duitse jaren, maar ook meer popart-achtige fotomontages uit de jaren vijftig.

Hoewel geboren in Parijs, zou je ook Louise Bourgeois gerust een Amerikaanse kunstenaar mogen noemen. Vanaf 1938 woonde en werkte ze in New York, totdat ze afgelopen mei op 98-jarige leeftijd overleed. Het Haags Gemeentemuseum eert de beeldhouwster vanaf 11 september met de dubbeltentoonstelling Double Sexus, waarin haar werk wordt geconfronteerd met het al even seksueel beladen oeuvre van de Duitse beeldhouwer Hans Bellmer – een confrontatie om naar uit te kijken.